Naast de Kansel - pagina 2
Van Raalte als leider van de gemeenschap
Voor het stichten van een kolonie was een man met zulke eigenschappen nodig, vooral in de beginfase. Maar van Raaltes “wittebroodweken” duurden kort, in ieder geval minder dan tien jaar, zelfs maar drie jaar. De beslissing in 1850 om de Classis Holland onder te brengen in de oude Dutch Reformed Church van Oost Amerika2 veroorzaakte onrust, die uitliep op een bredere scheiding in 1857. (Dirk Harms gaat in op deze “splijting in de broederschap”). Het venijnige en anonieme artikel in De Hollander van 1852, getiteld “De Paus en zijn Kardinalen” (doelend op Van Raalte en zijn mede geestelijken in de Classis Holland) weerspiegelde een ondertoon van antiklerikalisme in de kolonie. Van Raalte zelf had de leiding genomen in die krant en de redacteur, Hermanus Doesburg die de krant van hem gekocht had, was lid van zijn gemeente. Van Raaltes politieke binding met de Democratische Partij kwam al in 1854 onder vuur, toen enkele volgelingen bezwaar maakten tegen de veroordeling van de uitbreiding van de slavernij naar het gebied van Kansas en Nebraska. Omdat hij van alle kanten pijlen onder vuur lag, overwoog Van Raalte om de kansel in Holland vaarwel te zeggen en een beroep naar Zuid Afrika of Nederland aan te nemen, het stof van zijn voeten te schudden en te vertrekken. Maar een reeks van crises en oorzaken gaf de leider nieuwe wind in de rug, met als eerste de Burgeroorlog. Van Raalte steunde meteen enthousiast de zaak van de Unie, en toen de regering van Lincoln een oproep deed voor vrijwilligers, nam hij elke gelegenheid te baat om op straat, in de huizen, in bijeenkomsten en in maatschappelijke kringen ongetrouwde jonge mannen te werven. In de gemeente Holland tekenden er bijna vijfhonderd, onder wie Ben en Derk van Raalte. Dat vervulde hun vader met trots, maar hun moeder met vrees. (Nella Kennedy zal meer vertellen over het gezin Van Raalte). Een tweede oorzaak was de beslissing om net als Holland, een kolonie in Amelia, Virginia te stichten in 1867. Het gaf de geboren kolonist de energie om het nog eens te doen. Van Raalte verhuisde met zijn gezin naar Virginia en stichtte er een kerk en een schooltje. Maar de kolonisatie mislukte en hij keerde met schade en schande terug naar Holland. De Derde crisis was de grote brand van 1871 in Holland. Die verwoestte driekwart van de huizen en het hele zakendistrict (vijf en zeventig winkels en kantoren), alle drie de hotels, vijf van de zeven kerkgebouwen en dertien van de vijftien fabrieken. Het werk van bijna vijf en twintig jaar was in rook opgegaan. De totale schade werden geschat op $900.000 (bijna $24 miljoen in hedendaagse waarde, vermenigvuldigd met een factor vijf en twintig), en maar een vijfde van de verliezen aan eigendom werd gedekt door verzekering. Voor de 2400 burgers van Holland, de meesten van hen “Dutch Reformed”, was hun geloof een bescherming tegen wanhoop. Een dag na de brand beloofden zij elkaar in een grote bijeenkomst: “Met Gods hulp en met alle kracht beginnen we opnieuw”. Van Raalte riep de mensen op en bepaalde hen erbij dat God met hen was; het was Gods wil, in Zijn ondoorgrondelijke wijsheid, om ons door dit vuur te toetsen, maar weet dat God leeft, zo predikte de dominee. Maar persoonlijk bekende Van Raalte aan zijn vriend Philip Phelps: “Ik zie duisternis en probeer mezelf voor te houden om niet over de toekomst na te denken”.
2
Dat is de Gereformeerde Kerk, die door de Nederlanders was gesticht in de achttiende eeuw
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 november 2011
Brochures (VU) | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 november 2011
Brochures (VU) | 16 Pagina's