Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Van Raaltes reis naar Nederland in 1866 - pagina 2

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Van Raaltes reis naar Nederland in 1866 - pagina 2

Albertus van Raalte en andere Nederlands-Amerikaanse bezoekers van het oude vaderland en gereformeerde synodes

4 minuten leestijd

gebruikten ze vele pagina’s om de religieuze en sociale situatie in Nederland onder kritiek te stellen. Ik geef enkele citaten om u de sfeer van die kritiek te laten proeven: ‘Het geheel van ons maatschappelijk bestaan loopt uit op ondermijning en verdrukking. (7) Wij overdrijven niet, wanneer wij verkondigen, dat der standen evenwicht met moedwil wordt verbroken door de uitmergeling van het burgervolk, dal niets vermag tegen het geweld der opeengestapelde kapitalen en de hebzucht veler grooten. (10) Wij moeten het «wee» toeroepen aan hen, die huis aan huis, en akker aan akker trekken.’(11) Deze oordelen van Brummelkamp en Van Raalte lijken op die van sommige oudtestamentische profeten en in hun brochure lichtten ze hun aanklacht van Nederland uitvoerig toe. De kritiek in deze brochure richtte zich niet alleen tegen de sociale ontwrichting van de Nederlandse samenleving, maar ook op haar morele en religieuze staat. En ook in dit geval schuwden de beide predikanten de harde taal niet. Ik geef opnieuw enkele citaten: ‘De donkere nacht van onkennis in de waarheid, waardoor het volk vergaat, maakt het rijp om eene prooi te worden van ongeloof en bijgeloof. En, terwijl men de zonde indrinkt als water, vloeit Vorst en Volk door, en snelt het nakend verderf te gemoet.’(27) Brummelkamp en Van Raalte vroegen: ‘Is het dan te veel, dat wij Nederland wijzen op de woorden Gods tot Juda, al wordt daarbij de naam van Sodom genoemd ? (10) Dergelijke krachtige taal profetische dreigementen waren destijds niet vreemd aan de uitingen van orthodoxe christenen in Nederland. Ik herinner aan Isaac da Costa’s beruchte pamflet over De Bezwaren tegen den geest der eeuw uit 1823, dat net als de brochure van Brummelkamp en Van Raalte binnen een jaar meermalen werd herdrukt, en aan de niet malse taal die de Afscheidingsleider Hendrik de Cock bezigde tegen zijn kerkelijke tegenstanders. Gegeven deze kastijdende woorden uit 1846 zijn we benieuwd naar Van Raaltes oordeel over Nederland nu hij er terugkeerde, twintig jaar na de publicatie van de brochure Landverhuizing. Opmerkelijk genoeg was de taal onvergelijkelijk anders, toen hij in 1866 de balans van Nederland opmaakte. Nadat hij een maand heeft kunnen rondkijken in Nederland, bood hij in een brief aan zijn zoon Ben een zakelijke kijk op ons land: ‘Gij kunt wel begrijpen dat ik hier tegenwoordig mijn oogen open heb, doch ofschoon de landen in de rijke streken mooi zijn, toch is er niets ’t geen mij zou boeien. Ook vind ik hier niets ’t welk men niet in Amerika even goed bezit. Talrijk en schoon is het vee, evenwel ik zag in Amerika niet minder schoon vee.’ In niets herkennen we hier de principiële kritiek op Nederland uit 1846. Van Raalte maakte een economische vergelijking tussen Nederland en de Verenigde Staten, die gelezen kan worden als een rechtvaardiging van zijn besluit in 1846 om te vertrekken, maar er wordt geen morele vinger opgeheven. Nu moet ik wel zeggen dat zoon Ben nu niet direct geïnteresseerd was in het morele oordeel van zijn vader over Nederland. Hij kende Nederlands nauwelijks en was een zakenman ‐ vooral geïnteresseerd in economische informatie. Hij had zelfs zo weinig belangstelling voor religie en moraal dat zijn moeder zich genoopt zag dit p.s. aan de brief van haar echtgenoot toe te voegen: ‘Dag beste Ben. Zoek de Heere.’ Maar deze brief van Van Raalte aan zijn zoon staat niet op zichzelf. Ook in andere brieven aan zijn kinderen en aan De Hope – een weekblad voor maatschappij, staat en kerk dat in Holland, Michigan verscheen – bood Van Raalte vooral informatie over de economische situatie in Nederland. In juni schreef hij aan De Hope: ‘De stemming in Nederland is over het algemeen gedeprimeerd. De handel

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 november 2011

Brochures (VU) | 6 Pagina's

Van Raaltes reis naar Nederland in 1866 - pagina 2

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 november 2011

Brochures (VU) | 6 Pagina's