'Christus als Bouwheer...mij als werktuig' - pagina 12
Albertus C. Van Raalte en de kerkelijke organisatie
1862 1863 1864 1865 1868 1869 1870 1871 1872 1873 1874 1875 1876
‐ aanwezig ‐ plaatsvervanger ‐ aanwezig ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐ ‐
Ook al werd hij verschillende malen benoemd als deputaat, hij had minder invloed op de bovenplaatselijke kerkorganisatie dan op de Amerikaanse en Nederlandse kerkenraden en classicale vergaderingen. Geen enkele maal was hij scriba of voorzitter van de generale synode. Driemaal was hij lid van een permanent deputaatschap: Missionair werk (1853), weduwenfonds (1854) en onderwijs (1859). In 1854 beval hij de synode de studenten aan in de Classis Holland met het oog op financiële ondersteuning door de kerk. De synode besloot de zaak voor te leggen aan de deputaten voor het professoraat. In 1857 adviseerden de deputaten onderwijs de synode om de zaak van Raalte aan te bevelen in de kerk, namelijk in diens pogingen om geld in te zamelen voor nieuwe gebouwen van de Holland Academy.
5. Afronding
Hoe ´hoger´ (meerder) de ambtelijke vergadering, hoe minder Van Raalte´s invloed op de (bovenplaatselijke) kerkelijke organisatie. Niettemin heeft Van Raalte ook zijn bijdrage geleverd aan de particuliere en generale synoden aan beide zijden van de Atlantische Oceaan. Zijn grootste bijdrage aan de kerkorganisatie is vooral regionaal van aard geweest, in de kerkraden, gemeenten en
12
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 november 2011
Brochures (VU) | 14 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 november 2011
Brochures (VU) | 14 Pagina's