Vijftiende Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 51
FINANCIEEL OVERZICHT OVER HET
JAAS
Indien Uw Penningmeester zijn verslag zou aanvang-en met de gewone uitdrukking: ;,evenals ten vorigen jare zet ik mij neder, enz." dan zou hij eene onwaarheid neerschrijven. Neen, bij het opmaken van dit zijn verslag, werd zijn hart vaak door allerlei tegenstrijdige gevoelens bestormd. Die verschillende gedachten hier te uiten, verbieden èn plaats èn doel van dit schrijven, te meer roept hij echter voor de schijnbaar doode en stomme cijfers der jaarrekening de gewaardeerde belangstelling der broederen ii>, niet opdat ook hunne ziel aan denzelfden strijd ten prooi zoude zijn, maar opdat ook zij dien liefelijken vrede rr).^liten genieten, waarmede hij aan het einde, dankbaar den Heere, die hèm tot een weinig goeds in staat stelde, ook 'deze rekening 'nederlegde voor Zijn aangezicht en dat der belangstellenden. Doode, stomme cijfers, maar hoe zouden ze, waar ze den stoffelijken voor- of achteruitgang van de zaak des Heeren kenmerken, niet leven en spreken voor hem, wiens God de Heere is? Zijn ze niet als de aanteekeningen van den thermometer, die den graad der warmte van ons eigen zieleleven aangeven? Dat het ons dan niet aan den moed ontbreke, ze op te nemen: wie het liefst zou willen verzuimen, heeft aan kennisneming het meest behoefte.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1895
Jaarboeken | 192 Pagina's