Zestiende Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 28
XXVI
van art. 2 der Statuten voor het onderwijs in de onderscheidene vakken van wetenschap betreft (te meer daar van dat verzoek hun vooraf geenerlei kennis was gegeven), heeft Directeuren zeer teleurgesteld. Formeel was de vergadering natuurlijk in haar volle recht. En allerminst wenschen Directeuren de vrijheid der leden te beperken. Maar nochtans zij hun vergund met alle bescheidenheid de vraag te doen, of een optreden als in de jongste algemeene vergadering, zonder éénige voorafgaande kennisgeving, noch aan de Colleges van Directeuren of Curatoren, noch aan den Hoogleeraar, tegen wiens opvatting van de beteekenis van den grondslag der Voreeniging men meende bezwaar te moeten inbrengen, en dat wel in het midden eêner zóó groote menschenmassa, die van alle oorden des lands was saamgevloeid, wel overeenkomt met de groote teederheid en Christelijke welwillendheid, waarmede zaken van dergelijk groot belang moeten behandeld worden, Hoe uitnemend de bedoeling van art. 11 van het Huishoudelijk Reglement voor de Algemeene Vergaderingen ook zij, Directeuren hadden zeker niets liever gewenscht, dan dat met meerder omzichtigheid daarvan gebruik ware gemaakt, hetgeen hun ook aanleiding heeft gegeven een voorstel op de aanstaande Algemeene Vergadering ter tafel te brengen, waarvan de beteek enis is eene kleine wijziging in dat artikel te brengen, waardoor voor het vervolg meer voorafgaand overleg mogelijk zal zijn omtrent de wijze van behandeling eener dusdanige zaak. De aanvraag tot benoeming eener Commissie van enquête vond natuurlijk geen ernstige bestrijding, te meer nadat de Hoogleeraar De Savornin Lohman uitdrukkelijk verklaard had, dat hij zelf nu die benoeming wenschte. Dat haar taak evenwel niet gemakkelijk zou zijn, liet zich terstond voorzien. Des te meer behoefte gevoelen dan ook Directeuren hier een woord van hulde te brengen aan het vijftal leden der Vereeniging, die te zamen met de uit de beide Colleges van Directeuren en Curatoren daarvoor aangewezenen, met bereidwilligheid die taak hebben aanvaard niet alleen, maar ook met zooveel ernst hebben ten einde gebracht. Het rapport, door genoemde Commissie bij Directeuren ingediend, zal op de Algemeene Vergadering een onderwerp van beraadslaging uitmaken. Het verslag der vijftiende jaarlijksche vergadering, den 27 Juni 1895 op Seinpost gehouden, laten wij hieronder volgen, gelijk het is afgedrukt in De Heraut:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1896
Jaarboeken | 207 Pagina's