Zeventiende Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 47
XLV
missie van Enquête, benoemd in de Jaarvergadering van 1895. Zooals men zich herinnert, h a d de Commissie van Enquête de conclusie van haar onderzoek neergelegd in een motie, die aldus luidde: „De algemeene vergadering, gehoord het Rapport der Oommissie, spreekt uit, dat op liet standpunt van Prof. J h r . Mr. A. E . de Savornin Lohman de Q-ereformeerde beginselen naar den eisch van art. 2 der statuten als grondslag v a n zijn onderwijs niet tot h u n recht komen; verklaart, dat de ingevolge besluit der Jaarvergadering van 27 Juni 1895 benoemde Commissie hare taak heeft ten einde gebracht, en besluit afschrift dezer motie te doen toekomen aan de Colleges v a n Directeuren en Curatoren." Nadat Dr. Bavinck, de voorzitter der Enquête-commissie, deze motie aan de vergadering heeft voorgelezen, deelt de Voorzitter, Prof. Woltjer, mede, dat een schrijven is ingekomen van Frof. Jhr. Mr. A. F. de Savornin Lohman. Dit uitvoerige stuk wordt in zijn geheel voorgelezen. H e t blijkt te zijn een protest tegen de wijze, waarop de Enquête-commissie zich v a n haar taak heeft gekweten, en Itddt als volgt: Amsterdam, 27 J u n i 1896. Aan de leden der Yereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerden grondslag. Mijne
Heeren!
De vergadering, waarin het Rapport van de Commissie van Enquête, benoemd ingevolge besluit der vorige jaarvergadering, zal worden behandeld, heb ik gemeend niet te moeten bijwonen. Eene stemming over de TJ door Uwe C'® voorgelegde motie kan moeüijk iets anders zijn dan formeele bevestiging van w a t reeds besloten is; vooral nu Dr. Kuyper herhaaldeKjk in de Heraut zijn praeadvles heeft uitgesproken, en zich zelfs niet ontziet mij, nu ik niet m e t hem instem over de beteekenis van zeker artikel der Statuten en mijne vrijheid van onderwijzen ook tegenover hem behouden wil, openlijk in de Heraut n° 966 toe te voegen, dat ook ik behoor tot hen die den Heere Jezus verlaten! Voorts kan een debat over de wetenschappelijke quaesties in het Rapport behandeld niet anders dan onvruchtbaar zijn. E n mij ten tweeden male bloot te stellen aan eene beje-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897
Jaarboeken | 239 Pagina's