Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Zeventiende Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 75

3 minuten leestijd

LXXIII

•die vrees ongegrond is. De heer Lohman is een eerlijk en oprecht ;man; zijn verklaring, eenmaal afgelegd, kan men volkomen vertrouwen. Wat de opmerking van Mr. Heemskerk betreft, -dat de heer Lohman snelle afdoening van zijn zaak vroeg, men moet dit niet verkeerd verstaan. Dat was natuurhjk, want na Seinpost verkeerde Prof. Lohman in een zeer onaangename positie. Dr. Bavinck, alsnu het woord ontvangende, constateert, dat geen der bestrijders van de conclusie der Commissie ook maar éëne bedenking heeft ingebracht tegen haren inhoud. ISTiemand heeft gezegd, dat de conclusie der Commissie niet in orde was; niemand heeft beweerd, dat het onderwijs van Prof. Lohman wel in overeenstemming was met artikel 2 der Statuten. Maar, zoo zegt men, de motie is ontijdig; zij is hard; men moet een aachter vorm zoeken om te zeggen, wat men te zeggen heeft. Maar men zie nu toch eens met alle bedaardheid en zonder vooroordeel de conclusie der Commissie in. Is zij hard? Hard is haar strekking zeker niet; heel het optreden der Commissie is van verzoenenden aard geweest. Men zegt, dat de heer Lohman, bij aanneming der conclusie, zal heengaan; het is mogelijk, maar de bedoeling der Commissie is dat niet geweest en evenmin is dat de bedoeling der motie. De motie is zacht, zij zegt niet, dat de heer Lohman niet G-ereformeerd is; en als men de zaak waarover het gaat, ten minste niet verbergen wil, maar haar noemen, dan wil spreker gevraagd hebben, of men zich in nog zachteren vorm kan uitdrukken, dan hier is geschied. De andere moties, zoo meent spreker, gaan verder dan de motie der Oommissie; waarom is men dan toch tegen haar motie ? "Want niemand zal kunnen ontkennen, dat de Q-eref. beginselen als grondslag van het onderwijs van Prof. Lohman niet tot hun recht komen. Het ingediende protest levert ook daarvoor opnieuw de bewijzen. En nu, niet waar, wij zijn allen menschen; onvolmaakt; wij •Calvinisten, zijn er immers van overtuigd. Maar als dat waar is, is het dan voor Prof: Lohman zóó moeüijk, te erkennen dat de conclusie ^ van de Commissie juist is; te belijden, dat de Oeref. beginselen meer dan tot dusverre als grondslag van zijn -anderwijs tot hun recht moeten komen? De Oommissie heeft niet anders dan vrede en verzoening gewild; dat is haar streven, haar gebed geweest van den aanvang van haar optreden af; spreker kan het verklaren niet alleen voor zichzelf, maar voor alle leden. En als de conclusie der Commissie door de vergadering wordt aangenomen, en de heer Lohman verlaat daarom de Vrije Uni-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897

Jaarboeken | 239 Pagina's

Zeventiende Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 75

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897

Jaarboeken | 239 Pagina's