Zeventiende Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 28
XXVI
van Curatoren, opgenomen in bovengenoemde brochure van Mr. Th. Heemskerk, waarvan een uittreksel hierachter op pagg. LI—Lix volgt, en waarmede Directeuren zich geheel kunnen vereenigen. E n Merbij bleef het niet. I n de maand October nam eerst Mr. A. W . van Beeck Calkoen als Curator en toen de heer W. Hovy als Directeur zijn ontslag. Van zulk een verlies in één jaar, aan mannen die wij hoogachten om wat God aan hen schonk, die wij liefhebben omdat zij onze broeders in Christus zijn, die de sympathie van ons hart hebben omdat zij met ons één strijd gestreden hebben op velerlei gebied — van zulk een verhes te verhalen stemt droef. Een woord van dank aan hen voor alles wat zij, korter of, langer, ieder in eigen werkkring ten goede onzer Vereeniging hebben verricht, mag hier niet achterbhjven. Heeft de Heere offers gevraagd, aan Zijn gunst heeft Hij het niet laten ontbreken. Zijn goede gunste schonk ons den hoogleeraar Mr. D. P . D. Eabius, in het begin van den zomer door zware krankheid bezocht, hersteld terug. Schenke Hij hem kracht voor de zware taak die thans als hoogleeraar in de Faculteit der Rechtsgeleerdheid op hem rust. Bleven de ledige plaatsen der vertrokken hoogleeraren in deze Faculteit nog onbezet, voor de colleges van Curatoren en Directeuren vond men mannen, die zich bereid verklaarden „met hen tot het werk te gaan". Dr. A. J. "W. Monnik, te Vorden, trad als Curator, de heer J. van Alphen, te Hengeloo, als Directeur op. I n het Directorium zelf werd de heer S. Baron van Heemstra tot Voorzitter gekozen en nam de Penningmeester ook de function van Secretaris tijdelijk op zich. Deze laatste omstandigheid noopt er toe om niet, gelijk in andere jaren, het „financieel overzicht" afzonderhjk te vermelden, maar het een plaats te geven in dit verslag. Vergehjkt men den Staat van Ontvangst en Uitgaaf, hierachter op pag. Lxxxvi afgedrukt, met dien van het jaar 1895, dan bhjkt, dat de contributiën in 1896 ruim duizend gulden zijn teruggeloopen. Een geldeüjk verhes wel niet zoo groot als, na al de stormen die de Vereenigiag had doorstaan, werd gevreesd, maar toch manend tot verhoogde krachtsinspanniag van alle leden en begunstigers, correspondenten en agenten. De post „Schenkingen" kon dit jaar met een verhoogd cijfer worden geboekt door de belangrijke bijdrage van ƒ 1000 van A en B te Ook nu nog een tekort te moeten boeken getuigt zoo van de noodzakehjkheid om naar vermeerdering van inkomsten té zoeken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1897
Jaarboeken | 239 Pagina's