Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Negentiende Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 56

3 minuten leestijd

LIV

daarom zij nog slechts kort herinnerd, hoe uit het breken met de Openbaring door de nieuwere wijsbegeerte het revolutionaire beginsel geboren wordt en, zich van Engeland uit', in Frankrijk en van daar in Nederland, door het humanisme voorbereid, vastzet en op het laatst der 18de eeuw in de Pransche revolutie zijn schrikkelijke triumfen viert. Met den ondergang der oude republiek in 1795, begint, wat Groen zoo juist heeft aangeduid, in onze landshistorie dat revolutionaire tijdvak, dat wegens de feitelijke heerschappij van het beginsel der revolutie gezegd kan worden voort te duren tot op den dag van heden. Immers dat beginsel is het heerschende niet slechts in de jaren, van ondergang van ons Yolksbestaan, die op 1795 zijn gevolgd, maar ook na de herstelling van dat Volksbestaan in 1813. Het heerschende zoowel tijdens de Yereeniging van Noord- en ZuidNederland tot 1830, als voor en na 1848. — Heel dit tijdperk door tot op heden, de overheersching van het liberalisme. Evenwei, de gangen der historie worden, naar onze overtuiging,. niet door blind toeval of instinctieve doelmatigheid, maar door den levenden God geleid. Daarom erkennen wij dankbaar het goede, dat bok in dit revolutionaire tijdperk is geboren, geboren niet alsvrucht van den onheiligen geest der revolutie, maar als vrucht van den Heiligen Geest, die zelf God, met zijn algemeene werkingen ook onder de volkeren, het bewustzijn verheldert, en de ontwikkeling van het recht in en door het Volksbestaan doet voortgaan. Als vrucht daarvan erkennen wij dan ook, dat in het bewustzijn van ons volk, door zijn eigen historisch verleden geleerd, al meer en meer de overtuiging is ontstaan van het gelijk recht op vrijheid van spreken en handelen voor de burgers van denzelfden Staat. Al meer en meer, want velen zijn zeer hardleersch op dit stuk. Het is dan ook hoogst interressant uit eene vergelijking van onze grondwet in haar verschillende edities, een werk door Hubrechta bekende uitgave zoo vergemakkelijkt, dien ontwikkelingsgang te volgen. Wat een vooruitgang om iets te noemen tusschen de edities van vóór en die van 1848 op het stuk van het onderwijs. Daar tot in Hoogendorps schets toe alleen sprake van „de publieke opvoeding", het „openbare onderwijs", en eerst eindelijk komt: „het geven van onderwijs is vrij". Hetzij men leeft uit het Roomsche, Calvinistische of revolutionaire beginsel, in het Volksleven, als zonen van hetzelfde Vaderland, hebben thans allen dezelfde rechten; en in den strijd der beginselen die hun dierbaar zijn, gelijke vrijheid van spreken en handelen. Ziedaar de schoone theorie, die ook in onze wetgeving zich afspiegelt^ De theorie, maar nu de practijk. En dan beweer ik dat er een grief is, een reden van beklag, over de practijk van het thans heerschend liberalisme, van de voorstanders van het revolutionaire beginsel, en wel, dat zij de wettige vrijheid hunner tegenstanders wat het handelen overeenkomstig hun,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Jaarboeken | 215 Pagina's

Negentiende Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 56

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Jaarboeken | 215 Pagina's