Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Negentiende Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 59

3 minuten leestijd

LVII

bewijzen grond kan juist daarom niet geweten, maar moet geloofd. Is nu de laatste of eerste grond van aUe wetenschap geen weten maar geloof, het Calvinisme ontleent dat geloof aan de Heilige Schrift — voor den Calvinist heeft de Schriftuur dan ook veel meer dan alleen soteriologische beteekenis; zij openbaart hem veel meer dan den weg der zaligheid —, de revolutionair ontleent dit geloof aan de door historie en wijsbegeerte voorgelichte mensohelijke rede. Dit verschillende denkbeginsel zal een wezenlijk verschillende wereldbeschouwing, een verschillend wereldbeeld doen ontstaan, omdat er een wezenlijk verschillende wetenschap uit volgt. Maar, gelijk de zaadkorrel de aarde noodig heeft om zich te ontwikkelen, zoo kan ook een materieel denkbeginsel niet zonder het Universitaire leven. Ik weet wel; dat de wetenschappen ook aan de eenzame, buiten den kring van het universitaire leven staande denkers, veel te danken hebben, maar, al is de wetenschap ook begrensd, die grens is in onze dagen zoo uitgebreid, dat het hoofd van een enkelen man, niet als weleer, al het gekende kan omvatten, laat staan in onderling verband en noodzakelijken samenhang met zijn laatsten grond doorzien. Wat verrassingen het einde der eeuw ook nog brengen zal, een negentiendeeuwschen Aristoteles of Hugo de Groot naar alle waarschijnlijkheid niet. Een denkbeginsel nu eischt een ontwikkeling naar alle zijden van het ons kenbare heen, en daarom, vooral in onze dagen, een Universiteit. Oai toch het voor ons kenbare te verstaan, te doorzien en dus tot wetenschap te maken, is eerst verdeeling van arbeid en dan samenspreking en samenwerking der arbeiders noodig. Alleen het universitaire leven vermag dit te schenken. Maar de Universiteit heeft nog een andere roeping. Zij heeft als inrichting van onderwijs, de verkregen resultaten mede te deelen aan het aankomende geslacht, aan de studeerende jongelingschap; aan deze den weg te wijzen waarlangs die resultaten verkregen zijn; uit deze de wetenschappelijke arbeiders voor de toekomst te vormen. Ik denk daarbij — het zij in het voorbijgaan opgemerkt — uitsluitend aan onze jonge mannen. Dat de Universiteit — gelijk thans aan onze Staatsinrichtingen voor Hooger Onderwijs geschiedt — deze haar taak ook tot onze jongere en oudere meisjes meent te moeten uitstrekken, beweer ik, op gevaar af van den schijn van ouderwetschheid te krijgen, te zijn tegen den aanleg en de bestemming der vrouw; een ontwrichten der maatschappij; een ingaan tegen de ordeningen Gods. Het is daarom mijn hartgrondige wensch, dat de Yrije Universiteit voor het meedoen aan een dergelijke ontvrouloelijking der vrouw, te allen tijde bewaard moge blijven; aan het krankheidsverschijnsel der zich intellectueel man voelende vrouw nimmer schuld moge dragen. Doch, gelijk gezegd, dit in het voorbijgaan. Ik heb nog te wijzen op een derde taak, tot wier vervulling de Universiteit zich geroepen ziet. Een taak, waaraan zij haar groote

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Jaarboeken | 215 Pagina's

Negentiende Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 59

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1899

Jaarboeken | 215 Pagina's