Drie-en-twintigste Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 79
LXXIX
V E R S L A G V A N DE
SCHOOL VOOR HOOGBR ONDERWIJS, GENAAMD
„ D E VRIJE UNIVERSITEIT", Gevestigd
te Amsterdam*'(Keizersgracht
162),
over den cursus 1901/02. -S0§* H e t Rectoraat der Universiteit w e r d op 28 October 1901 door den hoogleeraar Dr. ,T. W o l t j e r overgedragen aan diens ambtgenoot Dr. W . Geesink, Ha het houden eener redevoering, getiteld : sBeginsel en N o r m i n de Literatuur." Op dienzelfden dag werd de hoogleeraar Dr. H . H . K u y p e r als ab-actis vervangen door diens ambtgenoot D r . F . L . Rutgers. In de faculteit der Godgeleerdheid bleef Dr. F . L . Rutgers. i n die der Letteren D r . J . Woltjer, en i n die der Rechtsgeleerdheid M r . D . P . D . ' a b i u s als decanus. Op den 8 October 1902 werden als hoogleeraren i n de faculteit } der Godgeleerdheid benoemd de heeren D r . H . Bavinck voor het onderwijs }b de Dogmatiek en daarbij behoorende vakken, en P . Biesterveld voor het onderwijs i n de A m b t e l i j k e vakken en de U i t l e g g i n g van het N i e u w e testament. Het aantal studenten bedroeg aan het eind van den cursus 116, die ] [Waren ingeschreven als v o l g t : 54 voor de faculteit der Godgeleerdheid; j voor de faculteit der Godgeleerdheid en die der L e t t e r e n ; 3 voor de de faculteit der Godgeleerdheid en die der Rechtsgeleerdheid; 17 voor de faculteit der L e t t e r e n ; 3 voor de faculteit der Letteren en die der Rechtsgeleerdheid, en 36 voor de faculteit der Rechtsgeleerdheid. Gedurende dezen cursus hadden de volgende promotion plaats: , Op 30 October 1901 i n de faculteit der Rechtsgeleerdheid van den ^ e r A . J . L . van Beeck Calkoen, na verdediging van zijn proefschrift ^ e uitzetting van vreemdelingen i n verband met het v o l k e n r e c h t ; " SP. 23 M e i 1902 i n de faculteit der Lettei •en van den heer H . J . hpse, na verdediging van zijn proefschrift »De vocis quae est A O T O X gniflcatione atque u s u " ; en op 7 J u l i 1902 door den heer J . v. d. V a l k , verdediging van zijn proefschrift »De Lucretiano carmine a poeta Perfécto atque absoluto". 8 t e n
n
Sl
ü
a
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903
Jaarboeken | 232 Pagina's