Drie-en-twintigste Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 74
wenschen over te gaan, moet de niet-gepromoveerde het woord laten aan den gepromoveerde, die als zoodanig iure suo opponeert. 4°. De oppositie geschiedt i n de taal, w a a r i n de stelling of het proefschrift, waartegen zij zich r i c h t , geschreven is. 5°. A l wat contra Deum aut bonos mores is, wordt van de oppositie uitgesloten. 6' . Voorkomende geschillen beslist de Rector, die tevens deze regelen van orde handhaaft. J
FORMULIER VOOR D E N PROMOVENDUS. 1. Vóór de verdediging. Onder inroeping van de hulpe Gods ; op gezag van den Rector dezer U n i v e r s i t e i t ; met machtiging van den Senaat; en volgens besluit van de faculteit, sta i k gereed thans openlijk m i j n proefschrift, handelende van naar vermogen te verdedigen, ten einde door die verdediging den graad van Doctor i n de aan de Vrije Universiteit te A m s t e r dam te verwerven; weshalve i k U allen, die mij de eer w i l t aandoen van tegen mijn proefschrift, of de daarachter gevoegde stellingen, op te komen, alsnu uitnoodig uwe bezwaren te w i l l e n inbrengen, en, moge het zijn i n termen, die bondig en op het eerste hooren begrijpelijk zijn, de gronden te w i l l e n aangeven, waarop uwe bedenking rust. 2.
N a de verdediging.
Nademaal dan hiermede deze plechtigheid ten einde loopt, zij vóór alle dingen l o f en prijs en eere opgedragen aan God D r i e ë e n i g ; en zij het mij voorts vergund mijnen oprechten dank te bieden aan den Rector voor zijne m a c h t i g i n g ; aan den Senaat der Universiteit voor zijne medewerking ; aan de faculteit voor haar mij gunstig b e s l u i t ; aan mijnen h o o g g e ë e r d e n Promotor voor zijne v o o r l i c h t i n g ; aan hem, en met hem aan de overige Hoogleeraren w i e r onderwijs i k genoot, voor hunne i n l e i d i n g i n de wetenschappen; aan mijne trouwe P a r a n y m p h e n voor h u n wakkeren bijstand; en aan mijne geachte opponenten (zoo Professoren als Doctoren en Studenten) voor de eere hunner bestrijding. E e n dank, dien i k ten slotte U allen bied, die door uwe tegenwoordigheid te dezer plaatse deze plechtigheid wildet verhoogen. E n terwijl de verdediging van mijn proefschrift hiermede een einde neemt, ga i k mij thans onderwerpen aan het oordeel van den Senaat dezer Hoogeschool, wiens uitspraak beslissen zal, of mij de eer, waarnaar i k ding, zal worden gegund. VERKLARING,
DOOR D E N PROMOVENDUS T E O N D E R T E E K E N E N .
V e r k l a a r t gij als Doctor i n de het standpunt te aanvaarden van de Vrije Universiteit, die voor a l haar onderwijs geheel en
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903
Jaarboeken | 232 Pagina's