Zes-en-twintigste Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 46
XLVI s
N a a m des Heeren", voor vriend en vijand een monument van de Heeren trouw en een instrument i n des Heeren hand, dat H i j gebruikt om daardoor rijken zegen over ons land u i t te storten. Hare eerste hoogleeraren bleven voor het meerendeel voor haa gespaard en dienen haar nog met frissehe kracht. Hare discipelen brachten i n velerlei k r i n g de toepassing harer begin' selen onder ons volk. Haar stichter is bezig, als Minister, baar den weg te banen tot bf volle bezit der haar behoorende rechten en privilegiën. Onze bed mag, met uitzicht op verhoorinK, opgaan tot des Heeren troon, opa» spoedig de vrijmaking van het Hooger Onderwijs worde verkregen ook onze Vrije Universiteit bevrijd van wat haar nog drukt en hare" groei belemmert. ^.Waarlijk, »de Heere heeft groote dingen bij ons gedaan, dies z i r wij verblijd 1" W a t zullen wij den Heere vergelden voor Z^'ne weldaden! 6
r
6
e I J
De Locale C o m i t é ' s van A m s t e r d a m en Rotterdam hebben gemeend' dat een daad, u i t dankbaarheid gewekt, hierop het antwoord behoo te zijn. Bij de oprichting werd een stichtingskapitaal bijeengebracht ^ ƒ 100.000. Is er, n a 25 jaar, geen reden om, indien mogelijk, een zelW som aan H H . Directeuren op het feest aan te bieden ? Dat zal ° ^ onze Universiteit geen weelde zjjn, maar medehelpen om i n het ho°# noodige te voorzien. Vóór 25 jaar behoefde zij een stichtingskapitaal: nu heeft zij uitbreidingskapitaal noodig. , Zal de Staat haar gelijke rechten verleenen als de Rijksuniversiteit bezitten, dan moet hij ook waarborgen hebben voor den omvang , de deugdelijkheid van haar onderwijs. Maar al ware dat niet het g ' wij, hare voorstanders, zien zeer goed i n . dat faculteiten met é é n k 3 j leeraar, zooals de juridische en litterarische niet kunnen zijn, wat zijn moeten, als niet het aantal hoogleeraren wordt uitgebreid. j Het stichtingskapitaal w e r d door een klein aantal harer vermogen^ vrienden bijeengebracht. I n het uitbreidingskapitaal spreke zich dank uit van allen die haar l i e f h e b b e n ; van rijken en armen. grooten en k l e i n e n ! Maar met kleine gaven alleen is het doel niet te bereiken. ^ Dat daarom zij, die door G o d rijk zijn gezegend, ook n u met g ° ° araven H e m hunnen dank betoonen ! r
v 0
e e
e
e V a
o 0
e
v
e
r
De tijden zijn ernstig! Ook voor ons volk. j Ongeloof en revolutie breiden zich uit en grijpen a l verder zich heen. ^¡1, Dat dan allen, die het w è l meenen met dat volk, om des Heeren zich aangorden en a a n é é n s l u i t e n , om onze V r q e Universiteit te steu omdat van haar uit het geestelijk leven onzes volks moet worden g en onderhouden. 0lI
e
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1906
Jaarboeken | 257 Pagina's