Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Zeven-en-twintigste Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 55

2 minuten leestijd

REGLEMENT VOOR DE VRIJE UNIVERSITEIT. Vastgesteld door directeuren, op worstel van curatoren, den senaat gehoord, den 29 Mei en den 13 November 1905, en 5 Juli 1906. A r t . 1. Door de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerden grondslag, wier statuten goedgekeurd zijn bij Koninklijk besluit van den 12 Februari 1879, en daarna, wat eenige wijzigingen betreft, bij Koninklijk besluit van den 25 April 1903, is, in overeenstemming met de bevoegdheid in art. 149 van de Hoogeronderwijswet voor elke erkende Vereeniging gehuldigd, eene Tiniversiteit opgericht, onder den naam van „Vrije Universiteit", die te Amsterdam gevestigd is. A r t . 2. Deze Universiteit bevat voorloopig drie faculteiten: de faculteit der godgeleerdheid, de faculteit der letteren en wijsbegeerte, en de fa-culteit der rechtsgeleerdheid. Zij is echter aangelegd op vijf faculteiten: zoodra de omstandigheden het toelaten, zal zö ook eene faculteit voor de geneeskunde en eene voor de wisen natuurkunde omvatten, die in ieder geval ééne van beide door het jaar 1931, en beide vóór het jaar 1956 moeten aanwezig zijn. Eene faculteit wordt als zoodanig niet geconstitueerd, wanneer zii niet ten minste drie gewone hoogleeraren heeft, en voorts alleen krachtens besluit van curatoren, den senaat gehoord. G-ewoon hoogleeraar kan iemand slechts in ééne faculteit z^n. A r t . 3. Als eere-regent kan aan het hoofd der Universiteit een kanselier staan, van wiens benoeming kennis gegeven wordt aan den Minister van Binnenlandsche Zaken. A r t . 4. De bestuurshoogheid over de Universiteit berust bij de directeuren van bovengenoemde Vereeniging, die tevens belast zijn met de zorg voor de stoffelqke belangen der Universiteit. Van wgziging in de samenstelling van het college van directeuren wordt kennis gegeven aan den Minister van Binnenlandsche Zaken. , ., ' , , .

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907

Jaarboeken | 256 Pagina's

Zeven-en-twintigste Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 55

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907

Jaarboeken | 256 Pagina's