Zeven-en-twintigste Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 48
L
De Voorzitter schonk gelegenheid voor debat, en noodigde bepaaldel^k ook tegenstanders uit, zoo die aanwezig mochten zijn, om tegen h e t gehoorde op t e komen. Maar hoe dringend de nitnoodiging ook gedaan werd, niemand meldde zich aan. Dit schreef de Voorzitter toe in de eeirste plaats aan afwezigheid van tegenstanders, en voorts aan h e t feit, dat het door Prof. Fabius voorgezette menu zoo óvierrijk was, d a t men zich t h a n s nog niet aan een beoordeeling wilde wagen. Eerst diende hei. g'eschonkene t e worden verwerkt, t e worden overdacht; misschien zou op een volgende jaarvergadering' de gelegenheid t o t vruchtbare discussie over dit onderwerp daar zijn. Nu niemand het woord verlangde, sloot de Voorzitter de meeting, niet echter zonder dank g'ebracht te hebben aan den inleider; aan Ds. Van den Brink voor h e t bezielend woord, door dezen i n de ure des gebeds gesproken; aan den Kerkeraad die het kerkgebouw beschikbaar s t e l d e ; aan de Re^elingscommissie voor h a a i gulle gastvrijheid; aan allen die door h u n komen t o t het welslagen vaa Jaarvergadering en Meeting hadden meegewerkt, en niet het allerminst aan G-od den Heere, die ook deze samenkomsten met Zijn zegen h a d willen nabij zijn. Daarop werd de vergaderzaal verlaten. Een deel van de aanwezigen bleef ^og wat napraten in den schoenen tuin van „Het Schuttershof", een ander deel werd met een extra-tram naar Vlissingen overgebracht, waar h e t blanke Badhuis zich aan de toen ^zoo kalme zee verheft. Daar zou de laatste samenkomst van dien rijken dag plaats hebben: de gemeenschappelijke maaltijd, die steeds onze samenkomsten besluit. De tafel begon precies t e 5 uur, en alwedeï was Prof. BaVinck de voorzitter. Er waren, h e t spreekt vanzelf, heel wat Zeeuwen aan tafel, maar h e t schilderachtige Zeeuwsche kostuum werd gemist. Doch de Friezen waren vertegenwoordigd; het gouden oorijzer schitterde. Van den maaltijd geven we geen verslag; we zeggen slechts, dat hij zeer gezellig was en, betrekkelijk een deugd, snel verliep. Al spoedig begonnen de heildronken. We noemen slechts die van den Voorzitter op H. M. onze Koningin, met een geestdriftig „Wilhelmus" besloten; en die .van Dr. Wagenaar, die een hai*telijk woord wijdde aan den oud-minister Kuyper, wiens afwezigheid werd betreurd. Doch toen was h e t tijd voor hen, die nog naar Amsterdam moesten, om te vertrekken. De Regelingscommissie had de beleefdheid, hen gemakkelijk n a a r het Vlissingsche station t e brengen, en daarmede waren, we hadden bijna geschreven ,,de feesten" t e n einde. En "waarom ook geen „feesten"? Onze jaairergaderingen, zeker.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1907
Jaarboeken | 256 Pagina's