Dertigste Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 25
XXVII
van dei maohteïL des verderfs, moest veel van w a t men a l s waarheid metende! te hebben gevonden, later telkens en telkensweer als dwaling ,w,0irden afgewezen. De universiteiten, instellingen van zoo groote beteekenis voor de ideëele cultuur van een volk, hebben die cultuur ook t e onzent t o t een zeker bewonderenswaardige ontwikkeling gebracht. Ook in de eeuw, die achter ons ligt, zijn nieuwe waarheden gevonden en met name op het gebied der natuurwetenschappen zijn, door verbeterde methode van inductie, vernuftige kunstgrepen van experiment en vruchtbare waarschijnlijkheidsrekening, resultaten bereikt, die met eerbied vervullen. Maar komt gij nu tot die hoogere waarheden, die a.ls a c h t e r de wereld van het zinnelijk-zichtbore liggen en wier kennis voor den menschelijken geesteen onafwijsbare behoefte is, dan Vs^erden en worden door de docenten s,an -onze openbare universiteiten,, wier t a a k het is bestaande wetenschap te verrijken en dus: verrijkt aan h u n discipelen over t e leveren, vaak meeningen omtrent den mensch, de wereld en G-od als waarheden onderwezen, die in h e t Christelijk bewTistzijn zich niet laten invoegen; er zoo mee in strijd zijn, dat del Christen, die vast s t a a t in zijn Bijbelgeloof, ze niet kan laten gelden aj.s waarheid, en hem de overtuiging geven, dat, al is er ook treffelijk gebouwd,, er toch niet voldoende is bewaard. * Eenerzijds nu uit dit feit en anderzijds u i t de omstandigheid, d a t de twee machtige gedachten van Calvijn leefden en werkten ook bii de vaders en stichters onzer Vereeniging, is opgekomen de' Vrije Universiteit. Mèt Calvijn toch verstonden zij, dat de Christen zijn God niet alleen in het hemelsch-eeuwige, maar ook in het tijdelijkaardsche en daarin dan ook pp het gebied der ideëele c u l t u u r van zijn volk en dus ook in de wetenschap en alzoo ook m e t een universiteit heeft te dienen. Maar evenzeer verstonden zij mèt Calvijn de souvereiniteit van den heiligen G-od en dus ook de, autoriteit van h e t Woord van dien God als het hoogste, fil ons denken beheers chend gezag. Zij bedoeldein God te dienen ook in het univensitaire leven; ma&.r daar dan niet eigenzinnig en eigenwillig, doch in gehoorzaamheid a a n Gods Woord, aan Zijn bijzondere' openbaring, aan de Schrift. Zij bedoelden een C h r i s t e 1 ij k e universiteit.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Jaarboeken | 258 Pagina's