Vier-en-dertigste Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 17
XXI
jSIiapoleon, die met zijn legioenen over de breedte der aiarde trok!, om, als eens de Chaldéën, erfelijk' te bezitten woningen, di© de ïzijne niet waren. Maar ook in Nederland h a d de '• Heere nog een overblijfsel n a a r de verkiezing der genade, daU, als eens Ifeibakak in Judia, Hem a&iuriep en bad en, in geloofsvertirouwen op verhootring*,, kon zegigen: „Wij zullen niet sterven." Wel is toen ook Neerlands volk om zijne ongerechtigheid vernederd en ten ojider g'eraakti, maar door Gods goedheid weer; uit die vernedering opgericht en heeft h e t zijn, p'laats onder de volkeren herkregen, ten einde Gods E t o d u i t t e dienen. Het zjal er echter op a|ankonien;, hóe h e t dien Eaiad uitdient. Ten oordeel of ten voordeel. Om dit laatste is gesticht onze Vereeniging en door h a a r onze Universiteit; onze van Staat en Kerk vrij'e Universitei|t op Gereformeerden grondslag. Vrij, omdat hare hoogleeraren geen anderen grond of sender richtsnoer hebben voor h u n onderwijs dan h ^ t Woord van onzen God, zooals wij dat naar Gereformeerd, d a t is meest zuiver belijden, verstaiap.. De vreeize des Heeren is het beginsel der wetenschap. Daarom s t a a t de Vereeniging- voor alle onderwijs, d a t in hare scholen gegeven wordt, geheel en uitsluitend op den grondslag der Gereformeerde beginselen, en erkent mitsdien als grondslag voor het onderwijs in de Godgeleerdheid de drie Formulieren van Eenigheid, gelijk die in den jare 1619 door d© Natiomale Synode van Dordrecht voor d e Nederlandsche Gereformeerde kerken zijn vastgesteld; een zoodanig gezag daaraaïi hechtende, als genoemde Synode, blijkens hare eigene handelwijze en har© acten, aan de belijdenisschriften der Nederlandsche Gereformeerde kerken heeft toegekend. Gieeu beoefening der wetenschap, die niet bedoelt de kennis van 's Heeren Naam, opdat deze wetenschap diene tot heiliging van dien Naam. Blind in de uitkomst, maar ziende' in h e t gebod, hebben d e stichters van de Vrije Universiteit, in de kracht huns Gods, steiinend op Zijü. Woord, in die stichting een ,,geloofsstuk'^" en géén waag'stuk bestaan. Het gebod klemde op de consciëntiën; men wist, d a t het moest, da.t h e t recht was voor God en menschen, Zfoek eerst h e t Koninkrijk Gods en Z^jne gerechtigheid, en alle dingen zullen u toegewiOirpen wonden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914
Jaarboeken | 254 Pagina's