Zeven-en-dertigste Jaarverslag van de Vereeniging voor Hooger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag - pagina 54
Lil
het wel goed over eens zijn, van ©en pluraliteit van loorzaken afhankelijk; voor haar zijn, behalve 'n Universiteit, ook nog andere factoren noodig. Maax d a t nu ook onze Vrije Universiteit, na in 1880 te zijn gesticht, reeds vóór 1886 beigO'nmen is' en van toen af, dertig jaar lang, werkelijk een niet geringen invloed op de geiestelijke ontwikkeling inzonderheid van het Gereformeerde volksdeel heeft geoefend; dat zij daa-rdoor de Gereformeerde actie igesterkt, het Gereformeerde type tegen uitslijting bewaard heeft en alzoo voor die ontwikkeling eene beteekenisvolle factor is geweest, daarvoor, zegt spreker, m;aig ik mij beroepen op de feiten. Werd onzerzijds, vóór nu 36 jaar, te recht gewezen op de treffende overeenkomst tusschen den noodstand der ideëeie' cultuur van het Gereformeerde ,volksdee,l onder de overheersching der vrijzinnigheid, met den noodstamd, ons geteekend in 1 Samuel 13:19 en 20 van Israels materieele cultuur onder de overheersching der Filistijnen, — thans zouden wij dat niet meer kunneta doen. Die overeenkomst toch is veel minder trefffend geworden, want het Gereformeerde volksdeel heeft thans weer zijn eigen smeden of, zonder beeldspraak, het kati bij eigen vakmannen,, althans op vele gebieden waarvoor wetenschappelijke vorming en voorbereiding noodig is, weer terecht. En is het dan ook niet' onze Vrije Universiteit, die door haar onderwijs deze mannen tot die maatschappelijke bietrekkingen heeft gevormd en voorbereid ? Heeft zij niet bovendien, doior het optreden van haar hoogleeraren, op allerlei gebieden van ons volksleven, invloed geoefend en daardoor de geestelijke ontwikkeling bevorderd van het Gereformeerde volksdeel? Men denke slechts, om' van de jongere generatie niet te spreken, aan wat door de oudere 'generatie, door Kuyper en Eutgers, door Fabius en Woltjer, op al die gebieden is gewrocht. Waar alzoo vaststaat, zegt .spreker, dialt voor de deirtigjarige, wijl van vóór 1886 aangevangen, periode van bloei der geestelijke ontwikkeling van het Gereformeerde volksdeel ook onze Vrije Universiteit een beteekenisvolle factor is geweest, gaat het niet aan, om, aangenomen nu, dat dit volksdeel thans aa,n het begin van een decadentie-periode zou staan, onze Universiteit Üat praeidicaat te ontzeggen. Gelijk toch voor de matierieele ontwikkeling van een landbouwstreek de vruchtbaarheid van het bouwland een. der beteekenisvolle factoren is, zult gij' toch, indien n die vruchtbaarheid duidelijk gebleken is, wanneer gij in de materieele ontwikkeling van de streek achteruitgang begint t(?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1917
Jaarboeken | 284 Pagina's