Jaarboek 1930 - pagina 67
65 In het college van Directeuren kwam, naar den geijkten regel, wel verandering. De presideat. Zijne Excellentie H. Golijn, in wiens benoeming tot Minister van Staat wij eene slechts ternauwernood aequivalente waardeering zijner uitnemende verdiensten voor ons vaderland hebben te erkennen, was aan de beurt van heengaan. Dit fatale moment, waarvoor twee jaar geleden nog uitstel kon verkregen worden, viel thans niet langer te verschuiven, en dus rest ons niet anders dan van hem, onder dankzegging voor bet vele, dat hij bij zijn veelomvattende taak ook voor onze Hoogesohool heeft gedaan, afscheid te nemen; een afscheid, dat ons echter niet al te «waar wordt gemaakt, omdat wij er toch wel een „tot spoedig weerzien" biJ mogen voegen. Zijne plaats werd ingenomen door Zijne Excellentie A. W. F. Idenburg, die na de kortstondige afwezigheid, welke het reglement vereischt, door ons met hartelijke blijdschap wordt begroet. Van de rubriek p e r s o n a l i a overgaande tot die der r e p r e s e n t a t i e s vermeld ik allereerst, dat de rector onze hoogeschool heeft vertegenwoordigd ten bove, zoowel ter gelegenheid van het gewone jaarlijksche bezoek van de Koningin aan onze stad, dat in 1928 in Herfstmaand plaats had, en waarbij hem de eer te beurt viel Harer Majesteits gast te zijn aan den avonddisoh die op 24 September werd aangericht; alsook ter gelegenheid van de huldiging van de KoninginMoeder naar aanleiding van het feit, dat H. M. juist 50 jaaj- geleden haar eerste bezoek aan Amsterdam bracht, en waarbij hij bet voorrecht genoot aan de plechtige herdenkingsamenkomst in de Nieuwe Kerk op 10 Juni deel te nemen en genoodigd te worden tot de thee ten paleize in den namiddag van den 11 Juni. Ook zond hij namens den Senaat op den dag, waarop voor 50 jaar de Koningin-Moeder als de jonge vrouw van Z. M. Koning Willem III in ons land'haar intrede deed, aan H. M. een telegram waarin uiting werd gegeven aan de dankbare erkentenis van de kostelijke gave Gods in baar aan ons volk geschonken, en haar onder betuiging van eerbiedige hulde, Gods zegen werd toegewenscht; welk telegram met eene telegrafisobe dankbetuiging werd beantwoord. Eveneens vertegenwoordigde de rector onze boogesoliool bij de rectorale oratie op den dies natalis der Gemeentelijke Universiteit en bij de overdracht van het rectoraat op Maandag j.l. Van de verdere gelegenheden, waarbij hij onze Universiteit vertegenwoordigde, mogen nog genoemd worden de opening van den eoonomiscb-bistorischen leergang: A m s t e r d a m i n d e g o u d e n e e u w , in de aula der Gemeeentelijke Universiteit, bij welke gelegenheid collega van Schelven de eerste voordracht hield, over „Nederlandscbe Volkskracht in het 17e eeuwsche Amsterdam''; verider: de berdenking der Unie van Utrecht op 23 Januari in bet groot-auditorium der Rijksuniversiteit van Utrecht, de voormalige kapittelzaal van den Dom, waaidn drie en een* halve eeuw tevoren de Unie werd geteekend; de Deputatenvergadering m Utrecht van de Anti-revoiutionaire partij, die baar vijftigjarig bestaan als georganiseerde politieke partij herdacht; het bezoek aan 3
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1930
Jaarboeken | 146 Pagina's