Jaarboek 1962-1963 - pagina 138
de Uefde tot het lijdende en worstelende volk geweest, die hem bewogen heeft, lijf en goed voor hen op het spel te zetten. Totdat, in letterlijke zin, zijn „edel hert" verbloedde en hij, in één doodsnik, zichzelf en het arme volk in Gods barmhartigheid aanbeval. De heugenis hieraan behoort tot de onvervreemdbare herinneringen van ons nationaal bewustzijn. Tot op vandaag is zij werkzaam in onze relatie tot ons vorstenhuis. Wij hadden koningin Wilhelmina lief, óók om der vaderen wil. Maar evenzeer, omdat dit essentiële element van de traditie, dat omschreven kan worden als: Oranje, dienaar van het gemenebest, zo onmiskenbaar in haar opnieuw gestalte kreeg. Van een Oranje-traditie sprak ik zoeven. Sommigen gebruiken liever de term Of3,n)e.-mythe. Daar is geen bezwaar tegen, mits men bedenkt, dat, bij aUe opsiering èn vereenvoudiging, deze mythe enkele historische kernwaarheden tot uitdrukking brengt. Dit geldt eveneens voor een tweede bestanddeel, dat, bewust of onbewust, in de volksovertuiging aanwezig is, en dat aldus geformuleerd kan worden: Oranje, redder in de nood. Wederom, wanneer men niet spreekt van elke Oranjevorst individueel, maar van Oranje in zijn eminente vertegenwoordigers, mag worden vastgesteld, dat deze overtuiging in de geschiedenis haar bevestiging vindt. Men denke aan 1572. En als een eeuw later het water tot de keel stijgt, weet de intuïtie van het radeloze volk nog slechts één uitweg: alleen Oranje kan, met Gods hulp, redding brengen. De hoop werd niet beschaamd. Prins WiUem III was een man met bijzondere gaven, maar van tenminste evenveel betekenis voor zijn welslagen was het, dat hem, als Oranjevorst, de liefde en het vertrouwen ten deel vielen, zonder welke zijn hachelijke taak onuitvoerbaar zou zijn geweest. In het eerste jaar van de Duitse bezetting formuleerden de vertegenwoordigers van de oude politieke partijen een wens, die zij terecht het „gemeengoed van alle ware Nederlanders" noemden: „wedergeboorte van Nederland in vrijheid en onafhankelijkheid en in trouw aan het Huis van Oranje". Een wens, die de weerslag vormde op de tot vastberaden volharding inspirerende houding van koningin Wilhelmina. Het was immers voor ons besef in die bange jaren opnieuw zó, dat de bevrijding van de zware druk onlosmakelijk verbonden was met haar terugkeer.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1962
Jaarboeken | 166 Pagina's