Jaarboek 1965 - pagina 32
Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, de heer Bot, een werkbezoek aan de universiteit. Bij die gelegenheid hoorde de rector voor het eerst van de vele miUioenen die nodig waren voor het bouwen in Nederland van de broodnodige ruimten voor het wetenschappelijk onderwijs en voor hun inrichting en van de vervolgens toch ook nog vele van deze milHoenen, die ondanks het feit dat ze broodnodig waren, niet op de begroting van de minister stonden. Met vreugde kan evenwel worden herinnerd aan het feit dat de politiek het wetenschappelijk onderwijs in financieel opzicht heeft meegezeten, ofschoon het ons helaas Diepenhorst als hoogleraar gekost heeft; hij kreeg bij ons non-activiteitsverlof, waarbij het moeilijk is de wens omtrent de duur daarvan te concretiseren. Bij diezelfde gelegenheid ben ik met de minister rondgeleid in wat er toen klaar was van het Academisch Ziekenhuis, in het pathologisch instituut en na een meesterHjke uiteenzetting vooraf van Jonker over wat we te zien zouden krijgen - als ik daaraan terugdenk begrijp ik volledig waarom hij onlangs in de studiecommissie voor de vierde technische hogeschool werd benoemd - zijn we vervolgens gaan kijken naar wat toen klaar was van het nieuwe gebouw voor de wiskunde en natuurwetenschappen. Een week of wat geleden heb ik in dezelfde ruimten weer wat mogen ronddwalen. Daarbij was een aanmerkelijke vooruitgang te bespeuren in vergeUjking met een jaar geleden. De collegezalen voor de medici in het Academisch Ziekenhuis zijn Idaar. De faculteit der wiskunde en natuurwetenschappen is met uitzondering van de subfaculteit der scheikunde aan een enorme verhuizing bezig of iets dergeHjks staat voor de deur, want ook de gebrekkige huisvesting der biologen zal spoedig een einde hebben. De moeiten der verhuizing, die vele zijn, mogen worden verlicht door het weten dat men nu spoedig kan gaan werken in wat er knap voor is uitgedacht en opzettelijk gebouwd. En wie weet zullen dan ook niet weer wegsUjten de gevolgen van het bitter getergde ongeduld, dat een mens en zijn werk nooit veel goed doet. Van verhuizing gesproken, de rector, het bureau van de senaat en dat van de pedel verhuisden rondom de jaarwisseling samen met de bureaus van directeuren en curatoren en met de administratie, uit het huidige hoofdgebouw aan de Keizersgracht naar kantoren in de Tesselschade- en Vondelstraat. 30
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
Jaarboeken | 198 Pagina's