Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Jaarboek 1967 - pagina 69

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Jaarboek 1967 - pagina 69

3 minuten leestijd

onderwijs" was. Waar hij die eenheid nuttig en mogelijk achtte, zoals hier in het stimuleren van en leiding geven aan de vernieuwing van het onderwijs, rustte hij niet vóór hij alle groepen bij elkaar had. Een ander punt; het C.P.S. is het enige P.C. dat het woord ,,studie" expliciet in zijn naam heeft opgenomen. Welbewust drukt dit de wens uit naar verbindingen tussen universiteit en schoolwereld. Dat Waterink daar steeds naar zocht, blijkt ook uit zijn opzet van het „College van Vertrouwensmannen" van G.S.V., die hij niet alleen een functie in de organisatie toedacht, maar ook als een liaison hoopte te kunnen gebruiken tussen zijn werk aan de V.U. en de scholen van het Verband. Gebrek aan geschoolde krachten heeft, helaas, verhinderd dat deze gedachte vele vruchten droeg. Tenslotte - en vooral-heeft Waterink in de wereld van de school naam gemaakt door zijn voortdurende, hardnekkige èn scherpzinnige verdediging van het goed recht van, ja de plicht tot Christelijk onderwijs. Ik kan hier slechts twee zaken memoreren. Ten eerste zijn moedige artikelen in „Calvinistisch Weekblad" in 1940, waar hij zijn lezers openlijk opwekt tot verzet tegen zekere departementale (uiteindelijk = Duitse) maatregelen. Ik citeer slechts enkele zinnen, de rest zal dan wel duidelijk zijn. „Wij weigeren iedere medewerking aan elk pogen tot ,,neutraliseering ",,onzer scholen", en tegen de tactiek van het stapje voor stapje uithollen van de tegenstand." „Wat we als recht hebben, moeten we als recht houden. En wanneer men ons alles laat, behalve het recht om alles te hebben, dan is in feite, alles wat wij houden (als g u n s t . . .) als bezit waardeloos". In de tweede plaats de brochure van 1961 „En toch: de christelijke school", waarin hij ten strijde trekt tegen dié Protestantse theologen die het bestaansrecht en de noodzakelijkheid van de Christelijke school aanvechten. In een uitvoerig en gedegen betoog komt hij na een grondige analyse van de argumenten van zijn tegenstanders (waarin hij ze volledig recht doet!) tot een scherpzinnige, maar ook emotioneel geladen weerlegging. Het zal nog in lengte van jaren een zeer belangrijk document in de discussie rondom de Chr. school blijven. Niet de school, maar het ge^in is echter, volgens Waterink, de primaire en centrale opvoedingsinstantie. Vandaar dat hij het als zijn roeping zag ook op die praktijk van de opvoeding zich te richten en daar voorlichting en leiding te geven. Hij deed dit door persoonlijke raadgeving, in vele lezingen en in 67

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Jaarboeken | 172 Pagina's

Jaarboek 1967 - pagina 69

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Jaarboeken | 172 Pagina's