Jaarboek 1967 - pagina 53
2. de popularisering van het Fries, d.w. ook zeggen, de p o ging de Friese taal hem nader te brengen, die van het Fries niets of nauwelijks iets afweet, om welke redenen dan ook; 3. het met zijn studenten opgezet en kundig uitgevoerde taalonderzoek naar de langzaam verdwijnende dialecten van de Zuidwesthoek van Friesland. Klaas Fokkema, de minnaar van Friesland en de dienaar van de Friese taalwetenschap begon deze strijd, zoals ik reeds stelde, in de eerste plaats en van meet af aan op hoog wetenschappelijk niveau. In zijn dissertatie: „Het Stadsfries", Utr. 1937, onderzocht hij, hoe zich uit het Oudfries door allerlei invloeden, sociale en niet sociale, het Stadsfries ontwikkeld heeft in die steden, wier dialect in vele opzichten overeenkwam met de taal der Leeuwarders. O p zeer overzichtelijke en instructieve wijze is hier het gevonden materiaal gerangschikt en wel op de klassieke manier van de dusgenaamde historische grammatica, zoals die beschreven werd en wordt, in grote lijnen, door de zo veelal genoemde Junggrammatiker. Fokkema vermeldde dus, hoe de Westgermaanse klanken zich in het dialect van Leeuwarden en de andere steden vertoonden, en ter vergelijking en voor een beter begrip en een helder overzicht besprak hij, hoe deze zelfde klanken zich in het Oudfries en Nieuwfries ontwikkeld hebben. O p deze manier - er zijn er, die ten onrechte geneigd zijn te zeggen ouderwetse manier, ouderwets betekent dan verouderd, afgedaan, maar laten we niet vergeten dat het 1937 was, en laten we toch a.u.b. niet over het hoofd zien, dat een dusdanige rangschikking en interpretatie van het gevondene ondanks alle lofwaardige pogingen van de hedendaagse synchrone taaibeschrijving en taalbeschouwing rijke vruchten heeft afgeworpen en nog steeds afwerpt - op deze manier kwam de jonge geleerde tot een beschrijving van een klank- en vormleer van het Fries der steden, die er zijn mag. Opvallend is, dat Fokkema reeds toen doorzag, dat het voortdurend terugdringen van het Ingwaeoons en/of het Fries door de zuidelijke taal - men denke b.v. aan de verdringing van het Fries uit West-Nederland - Groningen - Oost-Fries51
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967
Jaarboeken | 172 Pagina's