Jaarboek 1967 - pagina 148
beheerste, begint de Spaanse poëzie na 1900 bewust bij Gongora aan te knopen. Ook hier is een wijziging van het perspectief het gevolg geweest: sinds enkele decennia ziet men het verloop van de Spaanse litteratuur in de i6e en 17e eeuw anders dan tevoren. Als ik nu ga trachten te tekenen, hoe het perspectief, waarin de Alexandrijnse poëzie zich vertoond heeft, telkens gewijzigd is, dient eerst iets gezegd te worden over haar aard en de omstandigheden, waaronder zij zich ontwikkeld heeft. Het is duidelijk: ook bij het ontwerpen van zo'n schets wordt de blik gericht door een bepaald perspectief, afhankelijk van kennis, inzicht en smaak van onze huidige philologie. Het wereldrijk, dat Alexander de Grote in tien jaar tijd veroverd had, valt kort na zijn dood in 323 v. Chr. uit elkaar. Zijn verovering heeft één belangrijk en blijvend resultaat: in de rijken, die dan ontstaan, heerst de Griekse beschaving. Ten minste bij een culturele bovenlaag, die in verschillende mate contact houdt met en beïnvloed wordt door de inheemse beschaving. Het geheel van de beschaving, die zich zo verspreid heeft in Libye en Egypte en in Voor-Azië tot in India toe, noemt men Hellenisme (eigenlijk een onjuiste term; hierover later); men laat daar ook onder vallen de beschaving van het Griekenlan dvan deze eeuwen. De Hellenistische periode laat men gemeenlijk eindigen in 30 v. Chr., omdat dan de Romeinse heerschappij ook het Oostelijke bekken van de Middellandse Zee geheel overmeesterd heeft. Ook over deze conventie valt het een en ander te zeggen: hier is het voldoende op te merken, dat na 30 v. Chr. de Griekse invloed tussen Benghazi en de Indus niet verdwenen is; allerminst - die blijft sterk tot aan de komst van de Arabieren en op belangrijke gebieden (bijv. de wetenschap) zelfs daarna. In Egypte heeft de dynastie der Ptolemaeën geresideerd in het door Alexander gestichte Alexandrië, niet in een der vroegere Egyptische koningssteden - de keus van de residentie is symptomatisch. Ze hebben welbewust een „Griekse cultuurpolitiek" gevoerd en daarvoor hebben ze veel Griekse geleerden verbonden aan het Huis van de Muzen, het Museum. Mede daardoor is de 3e eeuw een grote tijd geworden voor het Griekse wetenschap: wat in de 6e eeuw op grootse wijze was ingezet en in de 5 e en 4e geconsolideerd, wordt nu uitgewerkt en verfijnd. Enorm veel is gepresteerd in wiskunde en medi146
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967
Jaarboeken | 172 Pagina's