Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Jaarboek 1967 - pagina 55

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Jaarboek 1967 - pagina 55

2 minuten leestijd

alleen maar op kundige wijze de verworvenheden van deze betrekkelijk jonge tak van wetenschap toepaste op het Fries, maar tevens tal van nieuwe gezichtspunten naar voren bracht, o.a. dat het Fries een afwijkend vocaal- en consonantensysteem bezit met een geheel andere, nauwelijks vergelijkbare functionele belasting; dat er zelfs vocalen zijn, waarbij de belasting van het kwaliteitsverschil bijna geHjk nul is en die toch wegens onderlinge onverwisselbaarheid als twee fonemen beschouwd moeten worden. Maar, Dames en Heren, de tijd dringt, wij moeten in het voorbijgaan van b.v. de helaas niet meer tijdens zijn leven verschenen „Taalatlas fan de walden", waarvan de drukproeven gereed liggen, nog spreken over de tweede kant van Fokkema's niet aflatende bezigheden met en zorg voor het Fries. Dat was, zoals U zich zult herinneren, zijn gave, het Fries te populariseren, zijn poging, het Fries ook voor hem toegankelijk te maken, die zich als leek voor de Friese taal en cultuur interesseert. Ik noem in dit verband slechts zijn: „Beknopte Friese Spraakkunst", 1948, en „ D e Liwwadder an 't w o o d " eveneens in 1948 verschenen. Telkens weer verrast de schrijver ons ook hier met zijn rake formuleringen en door de bezieling, die duidelijk uit zijn woorden te proeven is. Wat al doet hij niet met een inluidende zin als: ,,Tsjerk, us heit en ik sille moarn fuort to sïlen, enne . . . dou meist ek mei", een uitroep, waarmee een Friese jongen op een vroege zomermorgen (let wel!) zijn vriendje verrast; een uitroep, die niet alleen voor de Hollandse jongen volkomen onbegrijpelijk is, maar die tevens de Hollander, dus ons, verplaatst naar het Friese land;een uitroep, die een zekere nostalgie oproept bij allen, die van wind en water houden, zowel Hollander als Fries: Blanke sllen op 'e marren rükend hea yn swê op 't lan! En het lukt de schrijver o.a. met behulp van deze levendige zin door te dringen in de structuur van het Friese taaieigen, de geïnteresseerde lezer mee te voeren op het pad van de 53

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Jaarboeken | 172 Pagina's

Jaarboek 1967 - pagina 55

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967

Jaarboeken | 172 Pagina's