Jaarboek 1967 - pagina 32
Sierk Schroder geschilderd portret aan, dat een plaats kreeg in de provisorische senaatskamer in het provisorium. De vicevoorzitter van curatoren Ds. P. N . Kruyswijk sprak namens dat college, de rector namens de senaat. De laatste had het voorrecht de heer Donner te kunnen mededelen, dat de senaat hem de dag tevoren tot zijn erelid had benoemd. Op dit lotgeval zijn wij erg trots. Toch nog iets over de senaat. De ambtstermijn van de conrectoren Wieringa en Lever is zojuist geëindigd. Beiden wensten uitdrukkelijk terug te keren tot hun primaire taak. Ik breng hun de dank der universiteit voor hun toewijding en die van mijzelf voor hun vriendschap en steun. Hoe men zonder conrectoren een ambstermijn van verscheidene jaren als rector kan vervullen is mij een raadsel. Het collegiale dagelijks bestuur van de senaat heeft in zijn eerste fase uitstekend gewerkt; wij waren metterdaad collegae. De laatste activiteit van de aftredende conrectoren was een bezoek aan Bazel, aan een conferentie over ,,Christian prescence in higher education", georganiseerd door de Europese Raad van kerken en de Wereldfederatie van Christen Studenten Verenigingen, een conferentie, waarvoor wij uiteraard grote belangstelling hadden. Wellicht dat een volgend jaar iets van de resultaten van deze conferentie kan worden medegedeeld. O p voordracht van de senaat benoemden Directeuren voor de periode icfG-jj'Gc) tot conrectoren Meuleman en Stahlie. De senaat schonk hun in overweldigende mate vertrouwen en ikzelf heb mij daar van ganser harte bij aangesloten. Vooral heeft het mij verheugd, dat er bij hen geen spoor van aarzeling was, dat zij aan het op hen gedane beroep gevolg moesten geven. Ieder onzer heeft de plicht, als dat gevraagd wordt, aan het bestuurlijke werk van universiteit en faculteit deel te nemen. Zo raken wij de practische zijde van de vraag naar de bestuursvormen van de universiteit, deze organisatie in tweestrijd, zoals zij in een niet gepubliceerd, maar wel op ruime schaal verspreid geschrift wordt genoemd"). Ik heb zo langzamerhand genoeg met het bestuur ener universiteit te maken gehad om te weten, dat de organisatie daarvan niet volmaakt is. Ik weiger 6) J. Visser, Een organisatie in tweestrijd, de organisatie-problematiek van de universiteit als niet-commerciële instelling, scriptie Technische Hogeschool Eindhoven, 1966. 30
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967
Jaarboeken | 172 Pagina's