Jaarboek 1969 - pagina 181
en verschillende incunabelen maken deze collectie bijzonaer waardevol. Het ligt in de bedoeling om in de catalogus, die vóór i augustus 1976 moet verschijnen, ook de geschiedenis van de bibliotheek te verhalen. De bibliotheek blijft te Hoeven tot eind 1970 de verhuizing kan plaatsvinden naar het nieuwe bibliotheekgebouw van onze universiteit.
5. Ruimte-probleem In afwachting van de nieuwbouw, wordt het steeds grotere ruimtegebrek als een noodzakelijk kwaad aanvaard. De leeszaal voor filosofie, theologie, rechten en economie is dikwijls geheel bezet, evenals de leeszaal voor moderne talen. De bibliotheek sociale wetenschappen moet zich behelpen met inwoning in verschillende panden en een slechte accommodatie. Bij de letteren kwam wat speling door verhuizing van de sectie duits naar de kelderverdieping van het Instituut voor aardwetenschappen . In november 1968 kon het preklinisch bibliotheekcentrum verhuizen, ingericht en heropend worden in het middengedeelte van het gebouw voor de Medische Faculteit. De bijbehorende medische leeszaal is bij afwezigheid van een medische leeszaal in het Academisch Ziekenhuis, beperkt van afmeting. Toch moest op deze leeszaal ook nog de bibliotheek psychologie en pedagogiek worden ondergebracht en een deel van de administratie. Dit laatste omdat een werkkamer voor het preklinisch bibliotheekcentrum in beslag wordt gehouden door de afdeling Chemische Fysiologie. Eén van de ernstige tekortkomingen is het ontbreken van bibliotheekruimte in het Academische Ziekenhuis. De meeste academische ziekenhuizen zijn paviljoensgewijs gebouwd. De conceptie is bij de V.U. geworden een stapeling van paviljoens, met daaraan toegevoegd enkele centrale diensten. Voor de medische bibliotheek zou ruimte geschapen zijn, indien men toen reeds had gekozen voor een systeem van centrale diensten, met daarop geënt de noodzakelijke specialismen. Destijds meende de faculteit echter dat aan een groter klinisch bibliotheekcentrum met administratieruimten, een leeszaal en een bibliografische inlichtingendienst geen behoefte bestond. Daardoor bestaat de medische bibliotheek thans in de eerste plaats uit de som van een groot aantal instituutsbibliotheken met daaraan toegevoegd een preklinisch en een klinisch bibliotheekcentrum. Voor het preklinisch centrum is een redelijke ruimte geschapen. Voor het klinisch bibliotheekcentrum was slechts onder de hoogste druk nog een minimale ruimte te vinden. Dit centrum met 4 zitplaatsen staat ten dienste van de administratie, het leenverkeer en de bibliografische informatie van 13 instituutsbibliotheken, 149 wetenschappelijke stafleden en in totaal 564 klinische studenten. 179
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Jaarboeken | 188 Pagina's