Jaarboek 1969 - pagina 55
promoveerde in 1933 op het proefschrift „De verzamelende graanhandel in de V.S., Canada en Argentinië". Zijn promotor was prof. dr. Nico J. Polak. In het onderwerp van zijn dissertatie kwam reeds tot uitdrukking zijn liefde voor de handel. Gegeven het milieu, waarin hij opgroeide, was het niet toevallig dat juist de graanhandel het onderwerp was. Na zijn afstuderen in 1928, was hij 3 maanden leraar aan de Chr. H.B.S. te Leiden als plaatsvervanger voor een zieke leraar. In datzelfde jaar trad hij in dienst bij de NederlandschIndische Handelsbank, waar hij belast werd met het opzetten van een economische afdeling. In de zomer van 1933, vlak na zijn promotie, werd hij benoemd tot „wetenschappelijk gevormd medewerker" bij het Economisch Instituut voor de Middenstand, Door zijn rustig en bescheiden optreden, en zijn karaktereigenschappen, wist hij reeds spoedig het vertrouwen te verwerven van zijn medewerkers. In 1936 volgde zijn benoeming tot directeur van het E.I.M. Het zou te ver voeren, zijn activiteiten in deze functie nader op te sommen. Tijdens zijn directoraat heeft hij zich slechts een enkele maal laten verleiden tot scherpe wetenschappelijke stellingname, o.a. in zijn polemieken met betrekking tot de invloed van het behoefte-element op de prijsvorming, en de toerekening van bedrijfskosten aan artikelen of artikelgroepen. Zijn sterkte lag minder in de flitsend scherpe dialoog of betoogtrant, maar meer in de rustige, weldoordachte beschouwing. Dit is ook later zo gebleven. Voor nadere gegevens over zijn betekenis voor het E.I.M. verwijs ik naar het herdenkingsnummer van het personeelsblad „De Eimker", geheel aan Van Muiswinkel gewijd. Volledigheidshalve vermeld ik ook nog dat hij enige tijd lid is geweest van de gemeenteraad van 's-Gravenhage, voor de A.R.P. In 1948 werd Van Muiswinkel door Prof. Sneller, in overleg met Curatoren, aangezocht o m met hem en Prof. Zijlstra, als gewoon hoogleraar in de bedrijfseconomie, de grondslag te leggen voor de Economische Faculteit van de Vrije Universiteit. Hij aanvaardde zijn ambt op 28 oktober 1948 met een rede over „Enige aspecten van de beoefening der bedrij fshuishoudkunde". Daarin werd door hem nog al wat kritiek uitgeoefend op de een jaar te voren gehouden openbare les over ,,Algemene Economie en Bedrijfseconomie" van degene, die thans dit herdenkingscollege geeft. De reden waarom ik dit speciaal vermeld, moge U weldra duidelijk worden. In het maandblad van Accountancy en Bedrijfshuishoudkunde van februari 1949, werd mij de gelegenheid gegeven, deze kritiek te beantwoorden. N u zou dit op zichzelf nauwelijks de moeite van het vermelden waard zijn, als er niet een typerende eigenschap van Van Muis53
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969
Jaarboeken | 188 Pagina's