Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Jaarboek 1969 - pagina 158

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Jaarboek 1969 - pagina 158

3 minuten leestijd

oude gedachte, die telkenmale weer overwoekerd dreigt te worden, dat het recht er is om de mens, dat de mens het centrale punt van deze geschapen werkelijkheid en derhalve ook van het recht is. Doch dan blijkt direct hoe centraal de visie op de mens en op zijn plaats in de menselijke samenleving is. Want welke rechten men de mens toekent en op welke wijze deze rechten zullen worden gefundeerd zal in hoge mate afhankelijk zijn van deze visie. Het leerstuk van de rechten van de mens is nog heden ten dage zwaar belast door het individualistische natuurrecht van de 17e eeuw. In dit natuurrecht werd de enkeling beschouwd als het absolute uitgangspunt van iedere ordening. Het samenlevingsverband van de staat werd geacht te berusten op het maatschappelijk verdrag, de overeenkomst waarbij de individuen de staat in het leven riepen. Bij deze overeenkomst konden zij zich echter bepaalde rechten voorbehouden, die derhalve voor de staat onaantastbaar waren. Dit waren de ,,droits sacrés et inviolables", de vrijheidsrechten „pur sang", de onvervreemdbare mensenrechten waarvan de late echo nog in de preambule van de Universele Verklaring naklinkt. Het individu staat hier centraal, de gemeenschap is slechts het van het individu afgeleid product. Terzelfdertijd werd echter de opvatting verkondigd dat bij het maatschappelijk verdrag het individu met huid en haar opging in de gemeenschap, dat er geen sprake was van een zich voorbehouden van bepaalde rechten en dat alle rechten, die de enkeling als individu bezit, bij het maatschappelijk verdrag worden overgedragen aan de gemeenschap, aan de staat. De mens is voortaan slechts onderdeel van de gemeenschap. Als vertegenwoordiger van de eerste opvatting noemen wij Locke, van de tweede opvatting Rousseau. En in feite staan wij hier aan de wieg van de beide extremen van de moderne staats- en maatschappij-beschouwing: de streng-individualistische, waarbij de enkeling op de voorgrond staat en de gemeenschap slechts de functie heeft hem meer levenskansen en levensmogeüjkheden te bieden, en de streng-coUectivistische, wil men totalitaire visie, waarbij er voor het individu als zodanig geen plaats meer is en hij slechts als radertje in het grote geheel meedraait ten dienste van de collectiviteit. Is het een wonder dat de communistische rechtsleer zich bij voorkeur beroept op Rousseau's zinsnede dat ,,alle leden van de maatschappij met inbreng van al hun rechten opgaan in de gemeenschap" en ,,dat dit opgaan, dit samengaan onvoorwaardelijk geschiedt" en dat zij hem van inconsequentie beschuldigt, als er toch nog resten van natuurrechtelijke vrijheidsbegrippen, zoals het recht op privé-bezit, in zijn theorie aanwezig blijken te zijn'). Is het een wonder dat de communistische rechtsleer slechts wil spreken van de rechten van de burger, niet van de rechten van de mens, omdat het mens-zijn immers opgaat in het burger-zijn, het deel uitmaken van de collectiviteit^). 156

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969

Jaarboeken | 188 Pagina's

Jaarboek 1969 - pagina 158

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969

Jaarboeken | 188 Pagina's