Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Jaarboek 1969 - pagina 166

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Jaarboek 1969 - pagina 166

3 minuten leestijd

vraagstuk heeft Van Boven aandacht gewijd in zijn belangwekkende openbare les „Rechten van de mens op nieuwe paden" ^). Is het niet tekenend voor het diepgaand verschil in visie dat de beide gelijkluidende artikelen i van de beide conventies van 1966 het zelfbeschikkingsrecht vastleggen (zonder dit overigens zeer vage begrip nader te omlijnen), een recht dat, naar de traditioneel-Westerse opvatting wel in de allerlaatste plaats thuishoort in een opsomming van de rechten van de mens, omdat het hier immers niet een individueel recht betreft, doch een recht, dat eventueel slechts door een groep geldend gemaakt kan worden? Is het thema van de rechten van de mens niet eerder geworden tot een politieke splijtzwam dan tot een universeel aanvaard en erkend rechtsbeginsel ? Op al deze vragen kan een bevestigend antwoord worden gegeven, zonder dat dit nochtans tot de conclusie behoeft te leiden dat het er met de zaak van de rechten van de mens, mondiaal gezien, hopeloos voorstaat. In de eerste plaats is het in dit verband interessant te wijzen op de werking die de Universele Verklaring heeft gehad. Kort na haar afkondiging ontspon zich een diepgaande discussie omtrent haar juridische betekenis. Alhoewel algemeen werd aanvaard dat zij geen concrete verplichtingen op de staten legde, was haar juridische waarde omstreden. Geleidelijk aan is deze discussie verstomd, misschien wel omdat deze declaratie, in weerwil van haar vage status rechtsvormend en ook waardsvormend een enorme invloed bleek te hebben. Terecht zegt Jenks: ,,In the course of time it has acquired a moral and political authority which was coming to be regarded as giving it the character of an authoritative formulation of the rights and freedoms which states are pledged to observe and respect by the provisions of the charter" 1). Deze algemeen-vormende werking is wellicht op een moment waarin de wereld als geheel zich in een razendsnel ontwikkelingsproces bevindt van groter betekenis dan een bepaald welomschreven juridisch effect. Het is geenszins uitgesloten dat dit ook de voornaamste werking zal zijn van de conventies van 1966. Zelfs indien het tot 35 ratificaties mocht komen en de verdragen dus van kracht worden, behoeft men niet te verwachten dat daarmee de er in vervatte rechten in de verdragsstaten gelijkelijk kunnen worden genoten. De indirecte werking die ervan uitgaat kan uiteindelijk van veel groter belang blijken te zijn. En in dit verband is het bepaald van niet te onderschatten belang dat de beide Conventies met algemene stemmen (alleen Zuid-Afrika nam niet aan de stemming deel) werden aanvaard, omdat het ideaal, zoals dat in 1948 voor het eerst door een uit overwegend op de Westelijke tradities stoelend gezelschap werd geformuleerd, overeind is blijven staan, ook nu dit gezelschap geheel anders van samenstelling is. En is de leer van de rechten van de mens, in weerwil van alle aberraties die zij gekend heeft, niet één der schoonste voortbrengselen van de Westerse rechtsleer en van 164

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969

Jaarboeken | 188 Pagina's

Jaarboek 1969 - pagina 166

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969

Jaarboeken | 188 Pagina's