Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Jaarboek 1969 - pagina 59

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Jaarboek 1969 - pagina 59

2 minuten leestijd

controversen schuilen, die om een oplossing vragen. Zonder nu op detailpunten in te gaan noem ik een zestal punten, waarover klaarheid en overeenstemming werd bereikt, en die door Van Muiswinkel worden opgesomd in een artikel „Vervangingswaarde en winstproblemen ' in het M.A.B, van maart 1967. 1. De vervangingswaardetheorie is geen volledige waardetheorie. Zij geeft geen verklaring van het ontstaan van de waarde, doch richt zich uitsluitend op het aangeven van de faktoren, die de hoogte van de waarde bepalen. 2. De ruilwinst (transactiewinst) is niet zonder meer voor vertering (uitkering) vatbaar; mede in aanmerking moeten worden genomen de voor- en nadelen als gevolg van de voorraadpositie. 3. Het inkomen uit de ruil bestaat niet louter uit het overschot tussen de opbrengst en de vervangingswaarde, doch uit drie elementen: te weten rente, ondernemersloon en eventueel een overschot (ondernemerspremie). 4. De eis van de verteerbaarheid heeft alleen betrekking op de periodewinst. 5. De vergelijking van de bedrijfshuishouding met een vruchtboom ter illustratie van de begrippen winst en verlies, moet worden losgelaten. 6. De vervangingswaardetheorie schenkt zowel aandacht aan het instandhouden van de kapitaalsubstantie als aan die van het nominale vermogen van de bedrijfshuishouding. Het grootste deel van dit artikel is gewijd aan controversiële begrippen, zoals indirecte opbrengstwaarde, rationele ruil en inkomensvorming, winst en verlies. Zoals ik reeds gezegd heb, lijkt bet mij niet dienstig om in dit college hierop nader in te gaan. Al past de opmerking, dat het evenwichtige betoog en de stijlvolle kritiek van Van Muiswinkel, de wetenschap der bedrijfseconomie op het punt van de betekenis van de vervangingswaardetheorie, een stap vooruit heeft gebracht. Het is niet wel doenlijk alle publicaties van de hand van onze overleden collega hier de revue te laten passeren. Ik neem aan dat mijn gehoor dit ook niet op prijs zou stellen. Weinig bekend is zijn in 1961 verschenen artikel: „L'état et la competition économique" in de door de katholieke universiteit van Leuven uitgegeven „Annales de sciences économiques appliquées". Hij besluit dit artikel met de wel voor bestrijding vatbare opmerking: ,,L'intérêt des producteurs et celui des consommateurs sont la prolongation l'un de l'autre et ne s'opposent pas". Zijn pleidooi tegen een verandering van de economische orde, die gekenmerkt wordt door ondernemingsgewijze produktie en verdeling door middel van dwingende overheidsmaat57

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969

Jaarboeken | 188 Pagina's

Jaarboek 1969 - pagina 59

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1969

Jaarboeken | 188 Pagina's