Jaarboek 1981-1982 - pagina 80
voor de werkelijkheid, die hem veel waarde aan internationale rechtsvergelijking deed hechten. Hij was van het vergelijk inzonderheid wanneer hijzelf dit kon formuleren, niet afkerig. Of hij in 1970 emeritus geworden niet tezeer een behoudende richting heeft ingeslagen? Men zal in elk geval moeten toegeven dat het klimmen der jaren aan levendig optreden en parate kennis geen afbreuk deden, dat er voor het oog bij niet veelvuldige ontmoetingen - wellicht speelde in deze afzijdigheid de hem niet geheel welgevallige democratisering der universiteit een rol - van ouderdom al heel weinig bleek. Niemand zou ooit Hellema over het hoofd hebben kunnen zien. Hij maakte zijn aanwezigheid zonder dat ooit van opdringerigheid sprake was, tastbaar; wanneer hij een vergadering bezocht nam hij het anderen kwalijk er niet te zijn. Aan zelfverzekerdheid schortte het hem niet. Hij was gesteld, voorzover zijn plichtsbesef en de lust tot zakendoen het hem toelieten, op enig gezellig verkeer, zij het dat in het algemeen hij niet toeschietelijk was en enerzijds een tevreden, anderzijds soms een iets wrange indruk wekte. Hij leefde zijn eigen bestaan, dat hij meestal afschermde. Hoezeer hij een artistieke inslag bezat, zal niet tot ieder zijn doorgedrongen. Over door hem en zijn echtgenote betoonde moed tegenover de Duitsers was hij zwijgzaam. Moest er geholpen worden, dan was hij tot bijspringen - na gedegen onderzoek van de noodzaak bereid. Als het ware terloops bleek van een gevoelige vroomheid; hij maakte met vergeven en vergeten ernst. Over zijn kinderen sprak hij zo als een trots vader dit pleegt te doen; wat zijn vrouw betrof kon ieder duidelijk zijn dat zij voor hem ,,hors de concours" was. Het aardse leven van deze man die zich op velerlei gebied heeft bewogen, maar die toch in zijn wetenschapsbeoefening aan de Vrije Universiteit - en dat als buitengewoon hoogleraar - de grootste verdienste verwierf, heeft een einde genomen. Hij was er diep van doordrongen dat voor hem, zoals voor anderen, ,,het beste" nog kwam. Dat velen in eerbied en dankbaarheid gedenken laat zich dan ook voor alles verklaren uit genoemde in hem zichtbaar geworden verwachting. I.A. Diepenhorst
78
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1981
Jaarboeken | 144 Pagina's