Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Jaarboek 1984-1985 - pagina 34

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Jaarboek 1984-1985 - pagina 34

3 minuten leestijd

tering gold des te sterker voor de eerste vijf jarige zittingsperiode van de Raad, waarin met het vormgeven van de taakopdracht ervaring moest worden opgedaan.' Gekozen is toen voor een projectgewijze benadering, die ook thans nog de meest gebruikelijke werkwijze van de Raad vormt. Een voordeel van deze aanpak is dat men zich in eerste instantie kan concentreren op een aantal verschillende onderwerpen, verschillende invalshoeken en probleemstellingen. Dat heeft gunstig gewerkt voor de produktie van rapporten. Tevens heeft deze benadering in de praktijk mede geleid tot veel contacten met instellingen buiten de Raad. Daartegenover staat echter het gevaar dat projecten zich in zekere mate verzelfstandigen en onvoldoende op elkaar zijn afgestemd. Dat maakt het voor de Raad niet gemakkelijker een enigszins geïntegreerd kader voor het beleid op lange termijn te ontwikkelen. Bij de inrichting van toekomstige werkzaamheden zal men zich van dit gevaar bewust moeten zijn en maatregelen moeten treffen om segmentering te voorkomen. Er ligt een moeilijk te overbruggen spanning tussen de noodzaak van beleidsnabijheid en de behoefte aan 'wetenschappelijkheid'. Beleidsnabijheid vraagt om een intensieve samenwerking met departementen en politici. Het gaat bij 'wetenschappelijk' om 'praktische aanknopingspunten voor doelgericht overheidshandelen'. Maar de term 'wetenschappelijk' impliceert de noodzaak van objectieve informatie, probleemstelling en beleidsalternatieven. Naarmate de beleidsnabijheid en de beleidsrelevantie groter zijn, kan een advies een grotere rol spelen in de alledaagse poUtiek, en dan vooral op de kortere termijn. Maar kan dat niet juist betekenen dat de invloed der departementen op de totstandkoming van zulke adviezen zeer groot zal zijn, en dat het lange-termijnperspectief naar de achtergrond verdwijnt? Een interessant voorbeeld is het succesvolle rapport 'Plaats en toekomst van de Nederlandse industrie'. Het rapport verscheen op een moment waarop het beleidsklimaat er rijp voor was. Hoewel de regering aanvankelijk terughoudend reageerde, speelden de basisideeën een belangrijke rol bij de latere Commissie-Wagner. Enerzijds dus een rapport dat onmiddellijk een draagvlak vond in de maatschappij en dat zodoende snel een rol speelde. Anderzijds werd het rapport via de Commissie-Wagner vooral gebruikt voor het versterken van de rol van het Ministerie van Economische Zaken binnen het regeringsbeleid. Zo een combinatie van effecten van een raadsrapport op zowel de korte als de lange termijn is betrekkelijk uniek. Zij komt vooral voor wanneer op een bepaald beleidsterrein vrij algemeen een dringende noodzaak wordt gevoeld tot een snelle en fundamentele koerswijziging. Dit gevoel ontstond destijds bij het industriebeleid en was ook het geval bij het minderhedenbeleid, waarvoor de WRR in 1979 met zijn rapport 'Et32

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

Jaarboeken | 152 Pagina's

Jaarboek 1984-1985 - pagina 34

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1984

Jaarboeken | 152 Pagina's