1901-1902 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 96
92 Daarom zeiden wij, dat het antwoord op de vraag, of de uit te zenden Broeder zich beslist zendeling gevoelt en evangeliseerend wil optreden, vooral van beteekenis is voor de toekomst. Maar nu doet zich hier weder dit voordeel voor, dat deze teedere quaestie niet van te voren behoeft te worden uitgemaakt. Het spreekt vanzelf, dat de vraag of de roeping en gaven voor het ambt van zendeling-arts aanwezig zijn, het best op het terrein van werkzaamheid zelf kan worden beantwoord. De uit te zenden Broeder bevindt zich dus in deze zeer gunstige conditie, dat hij over deze uiterst delicate vraag niet van te voren een beslissing behoeft te nemen, gelijk het Genootschap zich wederkeerig in dezen nog tot niets kan verbinden. Het kan nu alleen zeggen, dat er thans reeds uitzicht bestaat voor het openen van twee nieuwe posten voor zendeling-artsen. Op dit oogenblik behoeft niet anders dan een tijdelijke verbintenis te worden aangegaan. Of deze in een blijvende zal worden veranderd, wordt voorloopig onbeslist gelaten. God geve dat deze mededeelingen tot resultaat mogen hebben, dat zich een Broeder voor dit werk beschikbaar stelt. Wij veroorloven ons ten slotte eenige opmerkingen om het gewicht der zaak te doen uitkomen. Daartoe wijzen wij op het feit, dat meer en meer de overtuiging ingang vindt, dat de medische zending beter in staat is verbetering te brengen in de hygiënische toestanden onder de inlanders dan eenige Regeeringsmaatregel. De wijze waarop de zendeling, en dus ook de zendeling-arts met de bevolking omgaat is het eenige en onmisbare middel om haar vertrouwen te wekken en daardoor ingang te verschaffen aan de Europeesche medische wetenschap. Bovendien is de zendeling-arts beter in staat te beoordeelen welke de reëele behoeften der bevolking op dit gebied zijn. Een sprekend voorbeeld van de juistheid dezer bewering leverde het gebeurde in zake de voorgenomen oprichting van een opleidingschool voor inlandsche accoucheuses te Batavia. Wanneer men nagaat welke plannen in het jaar 1898 bij de Regeering aanhangig waren en die vergelijkt met de maatregelen die zijn uitgevoerd, dan is niet te miskennen groote overeenkomst tusschen deze laatste en hetgeen Dr. Bervoets heeft voorgesteld in zijn artikel in het Geneeskundig Tijdschrift voor Ned. Indië. Uit dit voorbeeld blijkt nog eens, dat de tijd voorbij is toen er geen rekening werd gehouden met hetgeen in zendingskringen werd beweerd, en dat er integendeel ernstig notitie wordt genomen van de daar opgedane ervaringen. Maar nu is het dan ook van zooveel belang, dat de Zending worde vertegenwoordigd door mannen, die ook in het oog der wereld tot oordeelen en tot optreden bevoegd zijn. De gelegenheid om in wijde kringen in Indië invloed uit te oefenen is thans gunstiger dan ooit
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 204 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 204 Pagina's