1901-1902 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 150
144 verkeerde interpretatie gevende van Art. I onzer Statuten, welke aldus luidt: „Onze Vereeniging stelt zich ten doel de natuur- en geneeskundige wetenschappen in haren geheelen omvang (niet te leeren of doceeren, of te bestudeeren, of er zoowat op los te philosopheeren) m a a r . . . . te beoefenen bij het hcht van Gods Woord. Buiten dat licht kunnen wij niet, maar het spaart ons niet de moeite om de hand te oefenen, en het oog te wapenen, en de natuur te onderzoeken, daar waar ze te vinden is. Hier schuilt de adder in het gras: Het is een fundamenteele fout een leerstoel in de genees- en natuurkundige faculteit te willen oprichten, zonder meer. Ex cathedra beoefent men deze wetenschappen niet. Vraag dit aan Virchow, Van 't Hofif, Haeckel enz. Van uit de laboratoria zijn de theorieën de wereld ingedragen, lïet is een verdienste van Dr. L. Bouman in zijn referaat: „Over onze beginselen" reeds onze aandacht daarop gevestigd te hebben, onbevooroordeeld in deze, daar van deze motie toen nog geen sprake was.' Is niet het geheele referaat eene bijna doorloopende bestrijding der motie! Slechts enkele citaten. pag. 61. „Eene Christelijke philosophie is broodnoodig, om ons eene theorie der kennis, logika (ik cursiveer) en methodologie te geven volgens onze beginselen. Wanneer we dezen grond eenmaal hebben, kan er verder sprake zijn van eene philosophie der natuurwetenschappen, eveneens volgens onze beginselen" — dus vóór dien tijd niet. pag. 69. „Bestrijden is nuttig en noodig; foutieve en haastige conclusies van tegenstanders" (en niet minder van voorstanders) „mogen en moeten aangetoond worden, maar men komt er niet veel verder mee (ik cursiveer). Willen we met succes optreden, dan moet eene positieve beschouwing daartegenover geplaatst worden. We mogen niet alleen afbreken, we moeten ook opbouwen." pag. 58. „Het verkeerd gebruik van de deductieve methode" — dat wvj dus moeten trachten te voorkomen — „is schuld aan de geringe waardeering van de philosophie." Het is waar, men mag de waarde van het philosophisch denken niet onderschatten, maar evenmin het goed waargenomen feit. Het één niet mogelijk zonder het ander. Is natuurphilosophie nog iets anders, dan een plaatsen van de feiten in hun onderling verband? Eene waarneming na jarenlange proefneming als van Hugo de Vries blijft hare waarde behouden ook voor ons. Hare waardij moge te hoog geschat zijn, of verkeerd begrepen, maar waarde heeft ze. — De juiste beteekenis te kennen dier waarneming, hetwelk wij moeten onderzoeken, is Christelijke natuurphilosophie. Terecht zegt Dr. L. Bouman pag. 59, „dat juist Helmholtz, die zelf
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 204 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 204 Pagina's