1901-1902 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 137
131 Toch nemen wij de stelling voor onze rekening, dat in het algemeen verkeerde philosophische stelsels tot verkeerde zeden leiden, wijl toch in het algemeen kan gezegd worden, dat de mensch uit zijn philosophisch stelsel leeft. Zijn philosophie wijst hem zijn levensprincipe aan, dat met de overige momenten het zedelijk leven van den mensch bepaalt. Ceteris paribus zal dit leven dus wel degelijk door zijn philosophie beheerscht worden. En daar er maar één philosophie in haar geheel waar is, zal de invloed van de verschillende stelsels op de zedelijkheid zeer verschillend zijn. De christelijke philosophie moet tot deugd leiden, als leer en leven één zijn — en de overige stelsels, naarmate zij meer of minder waar zijn, tot deugd of ondeugd. Al deze stellingen hebben echter slechts de waarde van een apriorisch bewijs. Wij zien geen kans ze empirisch te bewijzen, wijl de gegevens der ervaring ons ontbreken. A priori geoordeeld, zal de invloed van het philosophisch beginsel op de zeden zich zonder twijfel doen gelden; en met het oog op de duizend verkeerde wegen, waartoe de verschillende philosophische stelsels leiden tegenover den eenigen waren weg, die er bestaat, moet die invloed wel in negatieven zin uitvallen.
M. H.! Wij zijn aan het eind gekomen van wat wij ons voorgenomen hadden — wij hebben het antwoord op de prijsvraag, die anderhalve eeuw geleden door de academie van Dyon is uitgeschreven gecontroleerd aan onzen tijd. Wat voorheen gold van de wetenschap, behoeft thans niet waar te zijn. De wetenschap heeft in de laatste eeuw een ontwikkeling vertoond, als nimmer te voren. Vele takken der wetenschap zien er heel anders uit. Ik heb u maar op de natuurkunde, de sterrenkunde en de chemie te wijzen; de zoölogie en botanie mogen als systematische wetenschap niet zulk een groote verandering hebben ondergaan, als biologische vakken hebben zij een revolutie gekend als geen andere. Nu, het kan wel niet anders of die omwenteling in de wetenschap moet van invloed zijn geweest op de zeden. Dien invloed hebben wij trachten na te gaan. Wij hebben de dochteren der wetenschap aan de zedelijkheid voorbij laten trekken, en nagegaan of er ook schaamte op haar aangezicht was waar te nemen. Wij hebben groote schaamte kunnen constateeren. Bij alle dochteren niet even sterk; bij sommigen twijfelachtig; bij anderen — wij moeten het eerlijk erkennen — in het geheel niet; doch er waren er die hare oogen niet durfden opslaan. Over het algemeen hebben de dames — of laat ons haar te zamen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 204 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 204 Pagina's