1903 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 79
73
worden, groeien, volwassen worden en eeuwig moge leven; geen afslijting alzoo noch door ouderdom, noch door ziekte. En uit den vloek, die om des menschen wil over het aardrijk werd uitgesproken, volgt dat ook aan de dieren en planten diezelfde remming in het leven werd opgelegd. En niet alleen de levende organismen, neen het geheele aardrijk werd vervloekt; dus alle aardsche stoffen en krachten zouden voortaan niet meer in die heerlijke harmonie werken, waardoor het paradijsleven gekenmerkt was. Het zal nu de taak der christelijk natuurkundigen zijn om na te gaan, in hoeverre men op hun gebied gefaald heeft, door dezen zondefactor te miskennen, en kan het zijn daarvoor nieuwe gezichtspunten in onze kennis omtrent kracht en stof te openen. Wij christelijk geneeskundigen moeten trachten de levende organismen en in 't bijzonder den mensch onder het licht van onze beschouwing te brengen. De groote vraag, die zich dadelijk aan ons opdringt is: wat is het normale leven, wat is ouderdom, ziekte en dood? Tot dusverre zijn onze tegenstanders in gebreke gebleven eene diepe in hun stelsel passende verklaring hiervan te geven. Men heeft ons wel met de hoop gevleid, dat het eens gelukken zal levende eiwitstof samen te stellen, maar tot dusverre zijn zij hiertoe niet gekomen, en naar wij vast gelooven, en door het geloof zeker weten, dat zal hun nooit gelukken! Wy gaan uit van de grondgedachte, dat God in de eerste levenscel van ieder schepsel het door Hem van eeuwigheid gedachte en toebeschikte leven legt. Op die eerste cel werkt alzoo de levensprikkel voor het geheele lichaam; al wordt dat lichaam nog zoo oud en nog zoo groot, zijn levenskracht put het alleen uit dien prikkel, die in eens aan de eerste cel is geschonken (E). Wijl elk organisme uit cellen bestaat, zich ontwikkelt, groeit door deeling van cellen, kunnen wij het ook zóó uitdrukken, dat die E zóó groot is, dat hij in staat is om alle cellen, waaruit een lichaam bestaat en tot aan zijn dood bestaan zal, door deeling uit de eerste cel tot stand te brengen. Ware de zonde niet ingetreden, dan zouden wij, het aantal cellen waaruit het lichaam bestaan zou, op x stellende, de gemiddelde splitsingskracht van elke cel van het volwassen lichaam e noemende, het aldus kunnen uitdrukken, dat E = x e, waarbij wij dan moeten aannemen, dat e niet meer in staat was om één cel tot splitsing te brengen. Nu is de zonde echter wel ingetreden en daarmede een kracht, die
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 166 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 166 Pagina's