Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1903 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 129

Bekijk het origineel

1903 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 129

2 minuten leestijd

128 zeer gebleken. Doch een Heidenhain is een bewijs dat dit niet behoeft. In die gevallen is zelfs het nut te bewijzen van het bestaan der twee richtingen. Doch ten slotte moeten we vragen: wat hebben alle juiste waarnemingen geleerd omtrent de waarheid van het beginsel? Als antwoord moet gelden het resultaat-waartoe men gekomen is; hoe meer men waargenomen en geëxperimenteerd heeft, des te duidelijker is het geworden, dat overal waar de levende cel tusschen beide treedt, deze actief ingrijpt in het spel der physisch-chemische krachten. Zoo zegt Heidenhain: „So wenig wir auch im Ganzen von den Eigenschaften der die secernirenden Membranen zusammensetzenden Zeilen wissen, so wissen wir doch so viel, dass die Vorgange der Imbibition, der Diffusion, der Filtration an ihnen vollstandig anders veiiaufen, so lange sie Theile des lebenden Organismus und deshalb selbst lebend sind, als nach ihrem Absterben, und über die Ursachen dieses verschiedenen Verhaltens wird uns schwerlich der physikalische, sondern allein der physiologische, an dem lebenden Körper angestellte Versuch aufzuklaren im Stande sein." In beginsel verkeerd is dus de methode van Brasch ^). Hij toch stelt het physisch-chemische voorop en construeert aldus wat in vivo moet gebeuren. Zoo stelt hij een theorie op over „die physikalischchemische Beschaffenheit der Zellenmembran" (pag. 85 — 88). Doch het is niet in te zien, dat met deze membraan, welke met poriën van bepaalde grootte gedacht wordt, een resultaat kan verkregen worden als in vivo b.v. hooge secretiedruk, of om iets anders te noemen, dat hierdoor eene scheiding gemaakt kan worden tusschen anionen en kationen, zooals in het bijzonder bij het bloedlichaampje gebeurt. In minimale hoeveelheid is deze scheiding wel in physische proeven te verkrijgen door middel van den electrischen stroom; en is gevolg van de verschillende diffusie-snelheid der ionen; doch daarom is niet waarschijnlijk dat dit, de condities welke in vivo voorkomen in aanmerking genomen, op dezelfde wijze een merkbaar resultaat zou geven. Van een eigenlijk toepassen der physische chemie is dan ook weinig te bespeuren bij Brasch. Dat erkent hij zelf op pag. 198 „Dass ich die in diesem Werke dargestellten theoretischen Betrachtungen nicht mit experimentellen oder anderen Beobachtungen unterstützen konnte, liegt in der Natur der Sache." De oorzaak echter van het niet kunnen, houd ik voor een ander: Brasch is niet bekend met de resultaten van het physiologisch onderzoek. Enkele citaten mogen 1) Biohard Brasch. Die Anwendnng der physikalisohen Chemie auf die Phyaiologie nnd Pathologie, 1901.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 166 Pagina's

1903 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 129

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 166 Pagina's