Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1903 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 47

Bekijk het origineel

1903 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 47

3 minuten leestijd

41 Deze bewering is niet door de ervaring n. 1. statistisch gestaafd; men heeft nooit het aantal pessimistische en optimistische christenen geteld — en de uitkomst vergeleken met de optimisten en pessimisten onder de niet-christenen. De bewering berust op een redeneering a priori. Men heeft aldus geredeneerd: De christelijke geloofsleer zegt, dat „de wereld in het booze ligt" — dat „al het schepsel zucht en in barensnood is tot nu toe." Alles hier beneden is zonde, en het gevolg der zonde, de ellende, blijft nimmer uit. Dit maakt de christenen zwaai moedig; hun zondelast drukt hen. Nu, een leer die de wereld zoo donker schildert, moet leiden tot een pessimistische wereldbeschouwing. En zonder twijfel zou zij dit ook doen, als het hierbij bleef.... maar het christendom houdt hier niet op, gaat door, en spreekt van een overwinning van het kwade door het goede; van de blijdschap) die daar is in Christus Jezus; van een vrede, die alle verstand te boven gaat; van eene verlossing, die alle ellende neutraliseert, de zwaarmoedigheid verdrijft en alzoo tot een geheel tegengestelde wereldbeschouwing leidt als de eerst geschilderde phase. . Het ware christelijk leven doorloopt drie phasen: eerst komt het tot de kennis van de zonde en het gevoel der ellende; dan tot de wetenschap der verlossing; ten slotte volgt betooning van dankbaarheid. Dit zoo zijnde, is het moeielijk vol te houden, dat de christelijke leer tot een pessimistische wereldbeschouwing leidt. Hij die alleen op de eerste phase blijft zien, zal pessimistisch gestemd worden. Dat de waarde dezer wereld gering geacht wordt, vergeleken bij de volgende is op zichzelf niet pessimistisch. Het pessimisme wordt door hereditairen aanleg en levensomstandigheden gevormd; men vindt onder de christenen optimisten en pessimisten; en er is geen reden om onder hen meer pessimisten te verwachten dan onder de niet-christenen. Ziet hier M. H.! een scheis van verschillende wereldbeschouwingen en hoe zij ontstaan; geen uitgewerkte wereldbeschouwing — slechts lijnen, die ieder op zichzelf waard zijn doorgetrokken te worden. Evenals bij alle wetenschap hebben wij bij de wereldbeschouwing de voorlichting van Gods Woord noodig. De geschiedenissen in Gods Woord maken een deel der wereldgeschiedenis uit en worden daardoor toegelicht. Die met Gods Woord niet rekent komt nooit goed uit. Het zegt ons, dat en hoe God de wereld met al wat er in is geschapen heeft; leert ons het verband der dingen, en hun einddoel. En daar wy gebrekkige menschen zijn, zullen wij er dan nog slechts bij benadering komen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 166 Pagina's

1903 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 47

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 166 Pagina's