Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1903 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 83

Bekijk het origineel

1903 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 83

2 minuten leestijd

77

Bene toepassing der hypothese op de aetiologie der gezwellen. Er is zeker geen lioofdstuk onzer wetenschap, dat ten opzichte der aetiologie zoo duister is als de leer der gezwellen. Het is daarom juist, dat wij ons dadelijk veroorloven, op dat terrein ons te begeven, ten einde na te gaan, of onze hypothese daaromtrent meer licht zou kunnen verspreiden. En dan meenen wij reeds nu te mogen constateeren, dat er tot dusverre nog geen theorie is gegeven, die zoo gemakkelijk de clinische en experimenteele feiten verklaart, die wij bij de gezwellen waarnemen. . Om dit nader te doen uitkomen, willen wij eerst de dïie bestaande theorieën opsommen: De 1« theorie, die wellicht de meeste aanhangers telt, is de parasitaire theorie. In die richting wordt dan ook bijzonder ijverig gewerkt; tot dusverre is het echter nog niet gelukt, de oorzakelijke parasieten te vinden. De 2" theorie legt voornamelijk het gewicht op een dyskratischen toestand van het lichaam, waardoor dan bij prikkeling de gezwellen ontstaan. De 30 theorie is, dat in embryonalen toestand eenige cellen te veel zouden gevormd worden, die dan bij verderen groei geïsoleerd blijven ; deze 'zouden dan door een of andere oorzaak zich later krachtens hare grootere energie zich ontwikkelen. En fout alzoo in den embryonalen aanleg! Wij noemden deze 3^ theorie het laatst, omdat zij zich het nauwst aansluit aan de meening, die wij ons omtrent liet ontstaan der gezwellen vormen. Ook wij toch wenschen uit te gaan van één of meer cellen, die door onbekende oorzaak niet met den normalen groei meegaan, die geïsoleerd blijven en daardoor gedurende zekeren tijd op dezelfde hoogte blijven staan. Wij stellen echter geen enkele beperking omtrent het tijdstip van dit isolement. Gedurende het geheele leven, van de eerste embryonale perioden tot op de laatste levensjaren kan zoo een isolement van cellen plaats vinden. Laten wij nu eens het geval stellen, dat in het groei tijdperk een cel wordt afgesloten. Stel op dat punt des levens het aantal cellen, dat bestaat en reeds bestaan heeft op n, dan is van die cel de levens-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 166 Pagina's

1903 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 83

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 166 Pagina's