1903 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 101
95 het diluvium, bewezen acht, terwijl hij tegenover waarnemingen, die voor verandering der kenmerken pleiten, opmerkt, dat men scherp onderscheid moet maken tusschen de eigenlijke raskenmerken en de variabele, secundaire eigenschappen, welke waardeloos zijn voor het karakteriseeren der rassen. Tot de eigenlijke raskenmerken rekent hij a. de kleur der oogen; h. de kleur van het haar; c. de kleur van de huid; d. den vorm van het gelaat (bijv. leptoprosopie); e. den vorm der schedel; f. de relatieve lengte der ledematen; g. de lichaamsgrootte. De variabele fluctueerende eigenschappen onderscheidt hij in: 1. anatomische, o. a.: graden van prognathie, vetgehalte der huid, ontwikkehng van het spierstelsel, ontwikkeling der mammae en van de thorax, dikte van het skelet, formatie van tibia en fibula enz. 2. physiologische als: arbeidsvermogen der hersenen, vruchtbaarheid, weerstandsvermogen tegen ziekte, geschiktheid voor acclimatisatie enz. De eigenlijke raskenmerken hebben, schrijft K., sedert het diluvium geen verandering ondergaan, het miheu heeft er geen invloed op; door de sterkste vermenging van rassen, zooals in Amerika plaats greep, zijn wel kruisingsproducten, maar geen nieuwe typen ontstaan, en ook in Australië is van eenige wyziging van het type niets gebleken. Het verblijf bij de antipoden, onder geheel andere levensvoorwaarden en onder een geheel ander klimaat, heeft geen nieuw ras en geen nieuwe type doen ontstaan. Ook in Egypte vindt men, ondanks de wisselwerking van 3 rassen uit 3 werelddeelen, thans nog dezelfde typen als duizenden jaren geleden. Het milieu oefent wel een invloed uit op de secundaire eigenschappen, en de mensch accommodeert zich daardoor aan het klimaat, waarin hij zich begeeft. Ofschoon elk pleit tegen de beweringen der evolutie-mannen de belangstelling verdient van de lezers van dit orgaan, en referent daarom het artikel van Kollmann onder de aandacht meende te moeten brengen van de leden der Christelijke Vereeniging van Natuuren Geneeskundigen, wenschte hy tweeërlei opmerking niet achterwege te laten. In de eerste plaats twijfelt Kollmann zelve reeds of het principieel onderscheid tusschen de eigenlijke raskenmerken en de variabele eigenschappen door de anatomen wel zal worden aanvaard en, naar referent meent, is voor dien twijfel wel eenige grond. Een eenvoudige bewering van een onderzoeker, dat een reeks van verschillende eigenschappen in twee, scherp gescheiden, groepen moet gesplitst worden, mag niet voldoende heeten, wanneer de onderzoeker in gebreke blijft het logische van die groepeering aan te toonen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 166 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 166 Pagina's