1903 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 99
93
Die Rassenanatomie der Hand und die Persistenz der Rassenmerkmale. Prof. Kollmann te Bazel, die reeds meermalen in zijne geschriften betoogd heeft, dat sedert het diluvium de raskenmerken bij den mensch niet gewijzigd zijn, heeft opnieuw in het Archiv für Anthropologie, Bd. XXVIII, p. 91, dit thema behandeld. Met het oog op deze zaak heeft hij wederom de indruksels bestudeerd, welke aangetroffen worden in aardewerk, ongeveer 30 jaar geleden in paalbouwwoningen te Corcelettes ontdekt. Aan den hnkeroever van het Neuenburger meer zijn namelijk, benevens een groot aantal voorwerpen van brons, ook schalen van aardewerk gevonden, waarvan enkele, hoofdzakelijk in den bodem, min of meer diepe indruksels vertoonen, welke onder den naam van vingertoppen van Corcelettes zijn bekend. Na het maken van gipsafgietsels dier indruksels toch bleek, dat , zij met toppen van vingers en met gebogen vingers waren gemaakt. De vorm der nagels was volkomen duidelijk zichtbaar, terwijl bovendien de huidgroeven, bij de vingergeledingen aanwezig, aan het gips niet ontbraken. Omtrent de beteekenis dier indruksels loepen de meeningen zeer uiteen; sommigen zijn van oordeel, dat het plaatselijk dunner maken van den bodem gediend zal hebben om het leem, alvorens het gebakken wordt, sneller te doen drogen; anderen vermoeden, dat een sneller verhitten van den inhoud van het vat werd beoogd. In een der vaten bleken de vingerindruksels afkomstig van een jong meisje, in een ander van een volwassen man. In andere paalbouwverzamelingen is tot nu toe tevergeefs naar aardewerk met zulke indruksels gezocht. Een nauwkeurig onderzoek van de gipsafgietsels heeft nu tweeërlei geleerd. Allereerst bleek, dat de vorm der vingertoppen en der nagels in geen enkel opzicht afweek van die, welke tegenwoordig worden waargenomen, terwijl evenmin de gewrichtsafdrukken en de huidgroeven bij de gewrichten iets eigenaardigs vertoonen. In de tweede plaats bleek het mogelijk nog verder strekkende conclusies te trekken. Kollmann heeft namelijk nagegaan, welke kenmerken bij de verschillende rassen de hand bezit en onderscheidt een breede van een smalle hand. De breede hand is breed aan het handgewricht, breed in de middenhand; zij bezit korte vingers en heeft breede nagels. De index van de breede hand, d. w.z. breedte
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 166 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 166 Pagina's