Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 47

Bekijk het origineel

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 47

2 minuten leestijd

43

Over theoretische biologie. Voordracht gehouden in de afdeeling 's-Gravenhage van de Ned. Maatschappij tot bev. der Geneeskanst. 15 October 1003. Toen we voor eenigen tijd eene discussie over wijsbegeerte en opleiding in onzen kring gehoord hadden, heeft het mij het meest getrolïen, dat bi] het voortgezet debat in de daaropvolgende vergadering nog een oud verroest wapen uit het tuighuis gehaald werd, met de woorden: Wat baten al die theoretische beschouwingen, we hebben feiten noodig. Hoewel ik niet gaarne de groote waarde van dit laatste feit zou willen onderschatten, was blijkbaar echter de bedoeling, door hetgeen voorafging, nog eens nadrukkelijk te doen uitkomen, dat de menschen met theoretische beschouwingen nu ja, heel geleerd kunnen philosofeeren achter hunne schrijftafel, maar bij de tegenwoordige ontwikkeling der natuurwetenschappen (ik spreek hier in 't algemeen, waarbij de medische wetenschap, in zooverre zij somatologie is, als onderdeel daarvan behoort) een verouderd standpunt innemen. Als tegenhanger daarvan zou ik u de volgende bijzonderheid uit mijn eigen leven willen meedeelen. Toen ik nog student was, kreeg ik een bezoek van een bekend hoogleeraar in de Theologie, die mij bezig vond met een groot aantal medische werken voor mij; ik studeerde voor het doctoraal examen in de geneeskunde. Prat op hetgeen ik reeds wist en begeerig nog meer kennis te verzamelen uit mijne volumineuse studieboeken, was ik niet weinig verbaasd, den Hoogleeraar te hooren meedeelen, dat die boeken bijna niets anders bevatten dan empirie; en de toon, waarop dit woord gezegd werd, gaf mij daarvan de duidelijke blijken, dat die empirie als zoodanig in zijne schatting niet hoog stond. Ik moet eerlijk bekennen, dat ik niet bijzonder overtuigd was door het betoog van den Hoogleeraar, dat zich daaraan vastknoopte, om de eenvoudige reden, dat ik de quintessens van dit betoog niet eens volgen kon. Later wist ik mij den gang van het gesprek niet meer te herinneren; hoe zou dat ook mogelijk zijn, waar ik het op dat moment niet volgen kon, maar de bedoehng is mij langzamerhand meer en meer duidelijk geworden. Ik had wel van Darwin gehoord, maar het stond mij toen ten minste niet helder voor oogen, waarin zijn zoo buitengewone beteekenis gezocht moest worden. Evolutie, selectie, variabiliteit, waren namen, die ik af en toe vernomen had, maar wier verreikende strek-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 47

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's