Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 57

Bekijk het origineel

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 57

3 minuten leestijd

58 zuivere beschrijving pleitten, dachten dan ook alleen aan de verschijnselen, die elkander regelmatig begeleidden en stelden daarbij voorop, dat die beschrijving zoo eenvoudig mogelijk zou zijn. Maar daarmede stond men niet zoover af van de verklaring, want deze vraagt ook ten slotte niet anders dan het vaststellen van regels of wetten, volgens welke de verschijnselen verbonden zijn. En tegelijk verlangt zij ook de tweede voorwaarde, het zoo eenvoudig mogelijk beschrijven, als zij, waar dit kan, die verschijnselen te zamen rangschikt, die „eindeutig" met elkaar verbonden zijn. Dan zijn er echter ook een massa logische motieven en empirisch gebruik van die motieven aan verbonden, die ons weer naar de vroegere opvatting terugvoeren. Weer tot Kant terugkeerend en de nachkantische philosophie als een regressie beschouwend, hebben mannen als Meynert, Rokitansky en Helmholtz ^) zich bij de zoogenaamde neukantische beweging aangesloten en voor de idealistische opvatting onzer kennis gepleit. Meynert verklaarde, dat de hersenen niet alleen het wereldbeeld opnamen, maar zelfs voortbrachten. Helmholtz zag niet in, dat men een stelsel van het meest subjectieve idealisme, dat b. v. het leven als een droom zou beschouwen, met grond zou kunnen weerleggen. En om een der nog levenden te noemen is het Verworn, die elke juistheid van het bestaan van eene werkelijkheid buiten onze psyche in twijfel trekt, ja zelfs alle recht ontneemt. De materialisten zouden het onmogelijke beproefd hebben om de psyche door de materie te verklaren, omdat ze eenvoudig de vraag verkeerd gesteld hadden. We kunnen beproeven alle getallen door 2 te deelen zonder rest, we kunnen werken, tot het zweet ons aangezicht bedekt, we zullen geen oplossing verkrijgen. Het probleem moet juist omgekeerd luiden: we moeten trachten, de materiëele verschijnselen, die alleen voorstellingen der psyche zijn, evenals andere psychische verschijnselen, terug te brengen tot hunne' psychische elementen. Zoo is het dus alweer de verhouding van het subject tot het object, dat de richting aangeeft, en iedere bioloog moet zich rekenschap geven hoe hij zich die verhouding denkt, en daarmede moet hij ook het terrein der Erkenntnisskritik betreden. En nu schijnt mij de meest gezonde opvatting die van het realisme te zijn, waarbi] zoowel de realiteit van het ik als van het niet ik aangenomen wordt. Ieder mensch neemt de betrouwbaarheid der zintuigen en het bestaan der buitenwereld aan en bezit die voor alle reflectie en redeneering. Het uitgangspunt van alle kennis bij den mensch is de zinnelijke waar-

) Dr. Mees, Opmerkingen over de vorming en den aard onzer kennis, pag. 23.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 57

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's