1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 20
16 komen is en alle betrekkelijke gezondheid, alle kracht van gestel en constitutie is niet anders dan .vrucht van de Gemeene gratie, waardoor het God belieft de verdervende krachten te weren en te stuiten. Uit het Paradijsverhaal leert de schrijver ons verder, hoe God de Heere, wel verre van het gebruik van middelen af te keuren, integendeel zelf den mensch het gebruik van middelen voorgedaan, geleerd en ook geboden heeft. Uit het verdere betoog blijkt, hoe God den mensch tot het gebruik van middelen verplichtte, volstrekt niet alleen voor wat uit 's menschen natuur voortvloeide, maar wel terdege ook voor wat gevolg der zonde was, en alzoo tegen de gevolgen van den vloek: de koude waartegen de dieren vacht en de honger, waartegen het zweet des aanschijns moest ingaan, waren niet uit de schepping, maar uit „de ellende", die de val over den mensch bracht. Bijzondere nadruk wordt verder gelegd op uitdrukkingen, waarin van een bestraffen of schelden, van wat uit den vloek voortkomt gesproken wordt, als: toen bestrafte Hij de koorts (Luk. 4:39); toen bestrafte Hij de winden en de zee (Matth. 8: 26); het schelden van het wild gedierte, het schelden van satan, het schelden der Heidenen, van de natuurmachten, van zeeën en rivieren. Dit bestraffen en schelden leert ons, dat God zelve toornt tegen de vernieling, die uit den vloek is opgekomen. Die vloek zelf is een gevolg van oordeel en straf, om der zonde wil, maar zóó weinig volgt hieruit, dat de mensch zich lijdelijk aan die gevolgen van den vloek te ontwerpen heeft, dat God en zijn Christus, veeleer zelven toornen tegen die gevolgen van den vloek, ze schelden en bestraffen, ze breken, stuiten en weerstaan. Eerst in die diepte opgevat kan het zoo ernstige vraagstuk tot helderheid komen of God wil, dat wij zijne uitwendige straffen lijdelijk ondergaan zullen, of wel dat het Gods wil, Gods bedoelen, ja, zijn eisch aan ons menschelijk geslacht is, dat wij als kinderen Gods en als verlosten in Christus Jezus, al dat booze in de natuurmachten schelden zullen, zooals God het scheldt, en bestraffen zullen zooals Jezus het bestrafte. En dan kan het antwoord geen oogenblik twijfelachtig zijn. Wie ten dezen lijdelijk berusten onder de ellende predikt, predikt lijnrecht en rechtstreeks tegen de Heilige Schrift in, hij leidt de zielen op een dwaalspoor; hij weerstaat Gods ordina.ntie. Als er een pestilentie onder het volk uitbreekt, is het Gods eisch, dat al het volk, met alle ten dienste staande middelen, die pestilentie als een boos kwaad bestrijden, schelden en bestraffen zal, en wie dat niet doet, staat schuldig aan het zesde gebod en zal menschenmoord te verantwoorden hebben, bijaldien tengevolge van zijne wer-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's