Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 80

Bekijk het origineel

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 80

2 minuten leestijd

76

onzer ziel niet een werk bij geval, maar wordt ons van God ingegeven. Een waarachtig gebed is het werk des Heiligen Geestes. Niet alleen ons lichamelijk bestaan, maar ons geestelijk leven evenzoo, berust geheel in Gods hand. Gelijk onze geest ons lichaam beweegt, beweegt God onzen geest. Zóó is onze Confessie. Het gebed is dus Gods werk. Zijne zedelijke daad; en daar Hij alles van te voren verordineerd heeft, is het mede in het scheppingsplan , opgenomen. Beiden, scheppingsplan en gebed, vallen in hunne werking saam, sluiten op elkander. God zag na de schepping, dat Zijn werk goed was. Het was harmonisch. De natuurwetten werkten goed, de zedelijke wetten werkten goed, en beiden werkten goed op elkander en vielen samen, krachtens Gods voorzienigheid. Zoo komt het gebed niet te staan als een factor van den vryen wil des menschen afhankelijk, die in de orde der natuur tracht in te grijpen, maar laat zich de gebedsverhooring als een zedelijke factor Gods bij ziekte en andere natuurprocessen met de wet van het behoud van arbeidsvermogen, als de eeuwige raad Gods, rijmen. De gebeden veranderen Gods eeuwig raadsplan niet in het minste. God is onveranderlijk; en de gebeden kunnen verhooring vinden, omdat zij mede opgenomen zijn als zedelijke factor, als geestelijk moment in de natuurverschijnselen. God heeft alles van te voren bepaald en onveranderlijk vastgesteld.... ook mijn gebed en de verhooring mijns gebeds. En mijn gebed en Zijne verhooring is Zijn werk. Aldus het gebed opgevat, gelijk het naar mijne meening opgevat moet worden; niet afhankelijk van den vrijen wil des menschen, maar als Gods zedelijke daad in de ziel van den mensch gewerkt, bestaat er geen strijd tusschen den „nexus rerum" en (de rekening Gods met) het gebed. Beiden, gebed en „nexus rerum" zijn Gods werk; het gebed is in den nexus rerum van eeuwigheid als zedelijke factor inbegre pen, beiden vullen elkander aan. Wil men zulk eene gebedsgenezing een wonder noemen, goed —• mits men dan aan dit woord eene andere definitie geve dan de tot dusver gebruikelijke. Ik wensch bij het vaststellen door God van het plan der geheele natuur, die wij in onzen tijd naar vaste wetten zien werken, ook den moreelen factor van het gebed in rekening te brengen. Wanneer wij zoo de gebedsgenezing opvatten, dan blijven wij in de lijn van Thomas ab Aquinis — voorwaar een goed philosophisch gezelschap. Zeist, 24 Mei 1904.

Dr. S. R. HERMANroES.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 80

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's