Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 98

Bekijk het origineel

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 98

2 minuten leestijd

92 een wortel, een pollenkorrel dienen, dan hebben we daarmede betrekkingen der finaliteit blootgelegd. Wordt er echter gezegd, dat alle levensprocessen door mechanische resp. energetische krachten alleen bewerkt worden, dan zegt men, wat men gaarne wenscht, maar wat men niet bewijzen kan. Men zou er verlegen mee zitten, indien men voorbeelden wilde opnoemen van een of ander proces in 't organisme, dat volledig en zonder „Hypothesenrest" chemisch of physisch „aufgekliirt" is. Men kan het volgende zeggen volgens Reinke: In de organismen komen een aantal zuiver physische en zuiver chemische processen voor, waarvan het leven afhangt; daarnaast ontdekken we ook andere verschijnselen, die niet voor een mechanische analyse bestand zijn. De scheikunde levert het materiaal, waaruit hoogere, finaal werkende krachten door bemiddeling van physische processen het organisme opbouwen. Kant heeft niet altijd een zeker geluid gegeven op het gebied der finaliteit. Zoowel voor- als tegenstanders dezer richting hebben zich op hem beroepen. Zoo meent Reinke ook te moeten concludeeren, dat het nieuwe vitalisme in hoofdzaak met Kant op hetzelfde fundament staat. Reinke neemt met Descartes aan, dat de organismen als machines zich voordoen, met Kant, dat hunne „Bigenart" zich ver boven de machines verheft. Vandaar neemt hij een dynamische theorie van de organismen in het leven aan, die in de organisatie 3 groepen van krachten als werkzaam erkent. Twee van die groepen van krachten hebben zoowel organismen als machines (technizismen van Kant), de derde groep staat boven beide andere en is met de psychische krachten van den mensch te vergelijken. In de machines zijn bijzondere krachten, die men „Maschinenbedingungen" genoemd heeft en die door R. „Systemkrdfte" genoemd worden. (Een machine wordt op gang gebracht door energie, maar de specifieke structuur der machines is juist voor die energie van gewicht; zoo heeft een gespannen veer een bijzondere constructie noodig om de eene keer een horloge, de andere keer een speeldoos op gang te houden). In zooverre het organisme met een machine te vergelijken is, zijn de „Systemkrdfte" naast de „Betriebsenergie" werkzaam. Door deze systeemkrachten worden in planten en dieren hoofdzakelijk chemische omzettingen in bepaalde banen geleid en daarin gehouden; ook de instincten hangen waarschijnlijk nog af van systeemkrachten. We hebben nog minder in bijzonderheden een opvatting van de werking der systeemkrachten dan van die der energieën; tot nu toe zijn immers weinig voorbeelden bekend, waarin een energetisch

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 98

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's