1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 81
77
Dr. H. BAVINCK, Christelijke wetenschap. Kampen, J. H. KOK, 1904. Wie het voorrecht genoot, zooals referent, de voordracht van Prof. Bavinck over Christelijke wetenschap bij te wonen, gevoelde den wensch bij zich opkomen, dat hij nog eens in de gelegenheid mocht gesteld worden deze voordracht aandachtig te lezen. Deze wensch is niet alleen vervuld geworden, maar bovendien woidt in het boek, welks titel hierboven geplaatst is, meer aandacht geschonken aan detailpunten, waarvoor eene lezing uitteraard niet geschikt is, zoodat de waarde van het geheel zeker op belangrijke wijze verhoogd is geworden. De debatten over de Hooger Onderwijswet in de Tweede Kamer waren pas achter den rug, en hoewel de scherpe aanvallen der tegenstanders op de Christelijke wetenschap zeker op meesterlijke wijze door den Premier werden afgeslagen, toch moest er een betoog geleverd worden, op heldere wijze geschreven, niet alleen voor hen, die reeds overtuigd waren, maar vooral ook voor hen, die misschien eenigszins aan 't wankelen gebracht waren door de manier, waarop men de Christelijke wetenschap had trachten af te maken. Het valt niet te ontkennen, dat de beoefenaars der natuurwetenschappen, in algemeenen zin genomen, zoowel uit hoofcTê* van hun gebrek aan voldoenden wljsgeerigen grondslag, als door het object van hunne wetenschappen, meer dan de beoefenaars der geestelijke wetenschappen, krachtens de genoemde eigenschappen, sceptisch staan tegenover de verschillende opvattingen van de wetenschap. Evenmin valt het te loochenen, dat er voor de eerste categorie een groote neutrale zone bestaat, waarin van verschillende opvattingen geen sprake kan zijn. Het lag dan ook wel eenigszins voor de hand, dat de tegenstanders van de Hooger Onderwijswet juist op deze, naar zij meenden, moeilijk te verdedigen vesting, voornamelijk hun vuur gericht hielden. Wat voor onderscheid zou er bestaan tusschen de Christelijke of niet-Christelijke beoefening der pathologische anatomie of der scheikunde? Ik noemde deze twee, omdat zij ook gememoreerd zijn geworden, maar deze twee kunnen gevoegelijk tot een zes- of tiental uitgebreid worden. Behoeft het dan zooveel verwondering te baren, gegeven al deze omstandigheden, dat men zich twijfelend afvraagt, of het voor een geloovig Christen, beoefenaar der natuurwetenschappen, wel noodig is, eene besliste keuze te doen tusschen de geloovige en ongeloovige wetenschap? Kan men niet volstaan met de Ijverige studie der natuurwetenschap, alleen wat de neutrale zone betreft, en ligt
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's