Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 53

Bekijk het origineel

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 53

3 minuten leestijd

49

die soort, dan zou hij geneigd zijn aan het bestaan van het dier te gaan twijfelen, in elk geval zou hij slechts een zeer geringe beteekenis aan de kennis aangaande het dier toekennen. De Duitscher had slechts noodig naar zijne studeerkamer te gaan, daar het wezen van een kameel uit de diepte van zijn gemoed te construeeren. Hij zou zeker ook niet nalaten een dik boek te schrijven en dat tot titel te geven: „Ueber den Begriff des absoluten Kamels." De idealistische richting liet zich ook terdege gelden op natuurwetenschappelijk gebied. De natuurphilosophie van Schelling had tal van adepten gekregen. Helmholtz had in het begin van zijne loopbaan van percussie en auscultatie nog hooren spreken als van „grob mechanische Untersuchungsmittel, deren ein Arzt von hellem Geistesauge nicht bedürfe." Indien men zulke middelen gebruikte, zou men den patiënt, die toch ook een mensch was, verlagen tot eene machine. En om een ander voorbeeld te noemen. Een beroemd professor in de physiologie had kwestie over de beelden in 't oog met zijn collega in de physica. Deze vroeg aan den physioloog bij hem te komen en de proef te zien, waarop het antwoord volgde: een physioloog heeft met proeven niets te maken, die waren goed voor een physicus. Zelfs Liebig ^) was meegesleept geworden door de heerschende richting en hij erkent zelf, dat die periode, die zoo rijk was aan woorden en denkbeelden, maar zoo arm aan ware wetenschap en echte studie, hem twee kostbare jaren van zijn leven gekost heeft; hij kon den schrik en de ontzetting niet schilderen, toen hij uit deze bedwelming weer tot bewustzijn kwam. Was er ook één richting denkbaar, die meer met het leven en de ervaring in strijd was? Ten slotte moest zij leiden tot absoluut illusionisme, de wereld buiten ons wordt schijn, maar ook wijzelf zijn niets dan eene voorstelling, een verschijnsel voor onszelf ^). Alles wordt een droom, er is geen werkelijkheid, maar ook geen waarheid meer. Toen men genoeg had van deze eenzijdige richting, die op natuurwetenschappelijk gebied zooveel goeds tegenhield, om een zachten term te gebruiken, kwam het zoogenaamde empirisme op den voorgrond. Baco ') had reeds in de nieuwere phllosophie deze richting voorbereid. De wetenschappelijke onderzoeker moet alle vooropgevatte meeningen laten varen, alleen de experientia moet hem leiden. De mensch moet zich alleen aan de ervaring houden, zoodra hij daarbuiten gaat is hij als wetenschappelijk man niet meer te vertrouwen. Comte, de

') Ostwald, Vorlesnngen über Natnrphilosophie, pag. 1 ) BaTinok, pag. 149. ') Bavinok, pag. 151.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's

1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 53

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's