1904 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 17
13 en tot het hart spreekt. Het idealisme, dat zich daarin uitspreekt, is verleidelijk schoon. En toch behoeft men ook hier slechts na te denken om te gevoelen, waar de fout der redeneering schuilt. De Heere Jezus heeft ook voor ons gedragen den tijdelijken dood. De dood is evenzeer als de krankheid eene straf over de zonde. Christus kon daarom van Zichzelf getuigen: Ik ben de opstanding en het leven. En Hij heeft, toen Hij op aarde rondwandelde, dooden opgewekt, om te toonen, dat Hij machtig was den dood zijne prooi te ontrukken. En niet alleen dat Christus zelf dooden heeft opgewekt, maar ook EUa en Eliza hebben het gedaan en evenzeer de Apostelen des Heeren. Maar volgt hier nu uit, dat Gods kind niet behoeft te sterven, of dat Christus nu nog op het gebed dooden levend maakt? De nuchtere werkelijkheid leert ons, dat krankheid en dood, die beide vreeselijke gevolgen van de zonde, ook al zijn zij door Christus voor ons gedragen, Gods kind in dit leven blijven treffen. De bitterheid van den vloek Gods is er om Christus' wille uit weggenomen, de dood is geen betaling meer voor de zonde, maar eene afsterving der zonde en doorgang tot het eeuwige leven; de krankheid is geen straf meer, maar eene kastijding tot heiligmaking of beproeving des geloofs, maar de wet blijft voor ieder mensch: Het is den mensch gezet eenmaal te sterven en de krankheid blijft een voorbode van den dood. "Wie dit idealisme predikt, rekent niet met het woord des Apostels, dat al deze hooggespannen verwachtingen ter neer slaat: "Wij zijn in hope zahg geworden. De hope nu, die gezien wordt, is geene hope; want hetgeen iemand ziet, waarom zal hij het ook hopen? Maar indien wij hopen, hetgeen wij niet zien, zoo verwachten wij het met lijdzaamheid. De Christelijke hope profeteert, dat eens de laatste vijand, dat is de dood, te niet gedaan zal worden; dat in het nieuwe Jeruzalem, dat uit den hemel nederdaalt, de Boom des Levens zal staan, wiens bladeren zijn zullen tot genezing der heidenen; dan zal het blijken, dat krankheid en lijden, sterven en dood voor ons door Christus zijn gedragen. Eerst hiernamaals zal niemand meer zeggen: ik ben ziek. Maar deze hope, die haar grond vindt in Gods onwankelbare belofte, wordt nu nog niet gezien. "Wij verwachten hare vervulling met lijdzaamheid, evenals al het schepsel, dat der ijdelheid onderworpen is, met opgeheven hoofde de openbaring der kinderen Gods tegemoet ziet. Van uit dat standpunt valt een wonderbaar licht op de wonderbare genezingen en opwekkingen van dooden door Christus en zijne
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Orgaan CVNG Geloof en Wetenschap | 136 Pagina's